Een bijzondere menging

Door Thom de Graaf

Jonathan Johnson beschikt over een combinatie van eigenschappen die je niet altijd aantreft in het openbaar bestuur, in ieder geval niet altijd in Europees Nederland. Die eigenschappen op zichzelf wel, maar de aparte menging daarvan die Jonathan kenmerkt, is tamelijk uitzonderlijk.

Te beginnen met een overmaat aan loyaliteit. Loyaliteit aan zijn ambt van gezaghebber, loyaliteit aan zijn Saba, loyaliteit aan de bevolking van Saba en niet te vergeten natuurlijk ook loyaliteit aan de eilandsraad en het bestuurscollege. Als je die loyaliteit niet bezit, houd je het ook geen achttien jaar vol in dat mooie maar lastige ambt.

En daarmee is ketel met loyaliteit waarin Jonathan ooit is gevallen nog niet leeg. Want als gezaghebber heeft hij altijd ook loyaal het Koninkrijk gediend en sinds 2010 daarbinnen natuurlijk ook het land Nederland waar het openbaar lichaam Saba deel van uitmaakt. Ik geloof dat Jonathan nooit het gevoel had steeds tussen twee vuren in te staan, maar hij zal best met enige regelmaat zich hebben afgevraagd hoe hij al die loyaliteiten op de beste manier met elkaar kon verbinden.

Loyaliteit karakteriseert hem, maar verantwoordelijkheidsgevoel evenzeer, net als bestuurlijk vermogen. Verantwoordelijkheidsgevoel betekent dat je niet wegduikt als het spannend wordt, ook niet als het probleem niet direct jouw taak of bevoegdheid betreft. Jonathan was altijd aanspreekbaar, ook als hij als gezaghebber niet aansprakelijk was. Zijn bestuurlijk vermogen uitte hij op veel verschillende manieren: duidelijk zijn als dat geboden was, soepel waar dat kon en nuttig was, zoekend naar compromissen en oplossingen als de zeeën rond Saba hoog gingen. En die gingen nog wel eens hoog, in BES-verband of in de ingewikkelde bestuurlijke relaties met de (waarnemend) Rijksvertegenwoordiger, de Rijksdienst Caribisch Nederland of de Haagse vakdepartementen of BZK. Wie dat allemaal kan managen, geen brokken maakt en ook geen bestuurlijke vijanden, heeft heel wat in zijn mars. Meer dan een buitenstaander wellicht denkt van een ‘burgemeester’ van een klein eiland met 2000 inwoners. Niet alleen de opgave van het eiland is een stuk groter dan die van een gemiddelde, veel grotere gemeente in Europees Nederland, ook Jonathan stijgt uit boven de nodige van zijn ambtgenoten in de Nederlandse polder.

Een andere in het oog springende eigenschap van Jonathan is zijn onvermoeibare sociale talent. Dat uit zich in altijd beschikbaar zijn, altijd gastvrij en charmant, en altijd het voor Saba belangrijke netwerk onderhouden. Een groot netwerk: ambtenaren van de Haagse ministeries, bezoekende Kamerleden, ministers en staatssecretarissen, leden van het Koninklijk Huis, bestuurders van andere Caribische delen van het Koninkrijk en ja, ook de Koning. En met regelmaat eveneens de vicepresident van de Raad van State en de delegaties die hem vergezellen. Altijd stond Jonathan klaar op het Yraysquin Airport om zijn bezoekers te begroeten en veelal persoonlijk rond te rijden over het eiland, vaak uitgerekend ook nog in het weekend. Mijn laatste bezoek aan Saba, eind april van dit jaar in het teken van mijn eigen afscheid per dezelfde datum als dat van Jonathan – 1 juli 2026 -, was daar een mooi voorbeeld van. Gepropt tussen bezoeken van de nieuwe staatssecretaris voor Koninkrijksrelaties, Eric van der Burg, de nieuwe minister van VWS, Mirjam Sterk en de nieuwe premier, Rob Jetten, kwam ik ook nog even langs, op een zaterdag en zondagochtend. Jonathan stond mij op te wachten en bracht de zaterdag grotendeels met mij door, inclusief lunch, rondrit langs de haven- en zorgprojecten en een diner met enkele leden van het bestuurscollege en de eilandsraad. Iedereen kreeg van hem het volle pond en de volgende ochtend reed hij mij en mijn twee collega’s in alle vroegte persoonlijk weer naar het vliegveld en zwaaide hij ons uit.

Wij houden er allebei mee op, ik omdat het langzamerhand tijd wordt om het iets rustiger aan te doen en over wat meer tijd en flexibiliteit te beschikken, Jonathan omdat het langzamerhand tijd wordt voor een andere bestuurlijke kluif om zijn tanden in te zetten. Ik verwacht daar nog veel van!  Voor nu bedank ik hem voor de vriendschap over de oceaan heen en alle goede contacten van al die jaren, niet alleen de laatste kleine acht jaar in mijn ambt als vicepresident, maar ook daarvoor toen ik als senator de Koninkrijksrelaties volgde. Ik denk dat ik Jonathan Johnson nog wel eens in andere bestuurlijke functies tegenkom,  ik hoop het!

Thom de Graaf is sinds 2018 vicepresident van de Raad van State van het Koninkrijk. Ook hij zwaait op 1 juli af.

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.