Den Haag – Het bestuur van de Sacred Heart School op Saba staat niet langer onder verscherpt toezicht van het ministerie van Onderwijs en Emancipatie. Dat heeft staatssecretaris Judith Tielen bekend gemaakt.
In 2024 werd tot ingrijpen besloten nadat de Onderwijsinspectie melding had gemaakt van structureel wanbeheer: het bestuur schoot langdurig tekort in het waarborgen van de onderwijskwaliteit en ook het financieel beleid deugde niet. De afgelopen jaren heeft het deels vernieuwde bestuur gewerkt aan een door het ministerie opgelegd herstelpakket.
Tielen stelt vast dat nog niet alle tekortkomingen zijn weggewerkt, maar vindt de voortgang voldoende om de aanwijzing in te trekken.
Brief Tielen aan Tweede Kamer
Op 30 oktober 2024 is uw Kamer geïnformeerd over de aanwijzing die mijn voorganger heeft opgelegd aan het bevoegd gezag van de Sacred Heart School (hierna: SHS) op Saba, Stichting Katholiek Onderwijs Saba (hierna: SKOSaba). Met deze brief informeer ik u over het verdere verloop van het toezichtstraject en het intrekken van deze aanwijzing op grond van artikel 122, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs (hierna: WPO BES).
Het wanbeheer bestond uit zowel het in ernstige mate of langdurig nalaten om, in ieder geval in strijd met artikel 13 van de WPO BES, maatregelen te treffen die noodzakelijk zijn voor het waarborgen van de kwaliteit en de goede voortgang van het onderwijs (artikel 122, tweede lid, onder b, van de WPO BES) als uit financieel wanbeleid zoals bedoeld in artikel 122, tweede lid, onder a, WPO BES.
Het afgelopen jaar heeft het bevoegd gezag van de SHS hard gewerkt aan herstel, zowel aan de herstelopdrachten van de Inspectie van het Onderwijs (hierna: inspectie) als aan de opdrachten die in de aanwijzing aan het bestuur zijn opgelegd.
Herstel
De inspectie heeft in november 2025 zowel een herstelonderzoek uitgevoerd op schoolniveau bij de SHS als een herstelonderzoek op bestuursniveau bij SKOSaba. In de onderzoeksrapporten constateert de inspectie dat het bestuur zich zichtbaar heeft ingezet om de tekortkomingen op school- en bestuursniveau te verbeteren. Het bevoegd gezag heeft een stelsel van kwaliteitszorg ingericht dat informatie geeft over de kwaliteit van het onderwijs en de financiën. Tijdens het herstelonderzoek is geconcludeerd dat het bestuur zorgdraagt voor de kwaliteit van het onderwijs en dat het de wettelijke voorschriften naleeft.
Het stelsel van kwaliteitszorg functioneert. Daardoor wordt een ononderbroken ontwikkelingsproces voor leerlingen mogelijk gemaakt, het onderwijs afgestemd op de ontwikkeling van leerlingen en wordt met behulp van een leerlingvolgsysteem vastgesteld welke maatregelen ter verbetering nodig zijn. Hiermee is een aantal tekortkomingen opgeheven. Niet alle tekortkomingen zijn opgeheven maar de inspectie ziet hierin wel verbetering. Hiermee heeft de inspectie geen signalen meer van wanbeheer bij dit bevoegd gezag.
Daarnaast maakt het bestuur inzichtelijk hoe het concreet stuurt op het beheer van middelen en doet dat op een zodanige wijze dat het voortbestaan van de school is verzekerd. Ook koppelt het bestuur financiële middelen aan concrete doelen. Het bestuur heeft zich versterkt met nieuwe leden en de rol, taken en verantwoordelijkheden van het intern toezicht zijn vastgelegd. Hiermee voldoet het bestuur aan de opgelegde maatregelen uit de aanwijzing.
Verdere verloop toezichtstraject
Met inachtneming van het voorafgaande is geconstateerd dat, alhoewel nog niet alle tekortkomingen zijn opgeheven, er geen sprake meer is van wanbeheer als bedoeld in artikel 122, tweede lid, onder a en b, WPO BES. Het bestuur heeft voldaan aan alle opgelegde maatregelen uit de aanwijzing. Dat betekent dat besloten is om de aanwijzing in te trekken. Dit besluit is met het bestuur en het Openbaar Lichaam Saba gedeeld en afgestemd met de inspectie. Gelet op het oplossen van het wanbeheer is het instrumentarium van mijn ministerie niet langer noodzakelijk en draag ik de regie over de casus weer over aan de inspectie. De inspectie zal verder toezicht houden op de overige tekortkomingen bij het bestuur en op de basisschool. Ik vertrouw erop dat het bestuur, met toezicht van de inspectie, het herstel voortzet en zich duurzaam zal blijven verbeteren.
