Den Haag – Caribisch Nederland is buiten de verkenning gehouden die het ministerie van SZW naar het minimumjeugdloon heeft uitgevoerd. Als reden daarvoor voert minister Hans Vijlbrief in een brief aan de Tweede Kamer aan dat “Caribisch Nederland een andere arbeidsmarkt en een ander prijspeil kent.
Doel van de verkenning was om “alle relevante feitelijke informatie over het jeugdloon op een rij te zetten.” Dat de minister dit niet nodig vindt voor de BES-eilanden, legt hij als volgt uit: “Het kabinet werkt vanuit het principe van pas toe of leg uit (comply or explain). Alle nieuwe Europees-Nederlandse regelgeving is in principe ook van toepassing op Caribisch Nederland. Dit geldt niet als er gronden zijn om dat niet te doen. Caribisch Nederland kent een ander minimumloon en hogere minimumloonpercentages voor jongeren. Dit komt onder andere doordat bij de staatkundige hervormingen in 2010 wet- en regelgeving is overgenomen uit de Nederlandse Antillen. Daarnaast kent Caribisch Nederland een andere arbeidsmarkt en een ander prijspeil. Daarom is Caribisch Nederland buiten deze verkenning gehouden.”
Vijlbrief wijst erop dat de werktijden en leeftijden waarop jongeren mogen werken in Caribisch Nederland zijn gelijkgetrokken met Europees Nederland. Hierbij is de situatie ontstaan dat er voor 15-jarigen op de eilanden geen minimumpercentage bestaat. In de Ministerraad van vrijdag is besloten voor 15-jarigen in Caribisch Nederland een minimumjeugdloonpercentage van 55% van het minimumloon in te voeren.
