Bonaire – Hoe lang laten de lokale en rijksoverheid de voor de volksgezondheid risicovolle situatie rond de vuilstort bij Lagun nog voortduren? Dat vragen de omwonenden van de landfill zich af aan de vooravond van het debat van de Tweede Kamercommissie voor Koninkrijksrelaties met de staatssecretarissen Van Marum en Van Aartsen (IenW).
Om de grotendeels uit nieuwkomers bestaande commissie van munitie te voorzien heeft de stichting Pro Lagun een position paper (een “brandbrief”) naar Den Haag gestuurd. “De situatie op Bonaire vormt een schrijnend voorbeeld van het nalaten van het nemen van verantwoordelijkheid. De kernvraag is niet of het probleem bekend is, maar hoe lang de overheid het zich nog kan permitteren om niet te handelen, terwijl zij weet dat fundamentele rechten en de veiligheid en gezondheid van burgers op het spel staan”, aldus de stichting.
Of de omwonenden donderdag antwoord op die vraag krijgen, valt te betwijfelen. Eerdere debatten over de kwestie leidden tot niet meer dan enkele tandeloze moties, die bewindspersonen ongestraft naast zich neer konden leggen. Een veeg voorteken was de briefing vorige week door de ILT, waarvoor slechts de woordvoerders van 2 fracties (D66 en CU) interesse toonden.
Hoewel het gevaar van de vuilstort al sinds 2013 bekend is, hebben zowel het openbaar lichaam als de betrokken ministeries weggekeken. En toen de wnd. Rijksvertegenwoordiger vorig jaar eindelijk wel ingreep, werd hij op aandringen van het Bestuurscollege door de rechter teruggefloten. Sindsdien zijn de omwonenden alweer meerdere keren hun huis vanwege de verstikkende rook moeten ontvluchten.
Persbericht Pro Lagun
Stichting Pro Lagun stelt vast dat de situatie bij de landfill Lagun op Bonaire is uitgegroeid tot een langdurige crisis voor volksgezondheid, milieu en mensenrechten. Al sinds 2013 is in officiële rapporten vastgesteld dat de afvalverwerking onhoudbaar is. In 2016 is dit opnieuw bevestigd. Deze rapporten zijn opgesteld door het Openbaar Lichaam Bonaire en Selibon en bekend bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, maar structurele uitvoering van de plannen is uitgebleven.
Zowel de Tweede Kamer als de Eilandsraad hebben moties aangenomen over afvoer van afval, gezondheidsonderzoek en structurele oplossingen. Deze politieke uitspraken zijn echter niet vertaald naar concrete maatregelen ter bescherming van de bevolking.
Tijdens de technische briefing van 4 februari jl. heeft de Inspectie Leefomgeving en Transport expliciet aangegeven dat alle aanwijzingen aanwezig zijn dat sprake is van een onveilige leefomgeving maar essentiële metingen ontbreken. Desondanks worden bewoners na herhaalde branden — drie in circa vijftien dagen in januari — teruggestuurd naar hun woningen met het advies te “luchten”, zonder dat onderzoek is gedaan naar vrijgekomen stoffen (bijvoorbeeld dioxine die in het MOD-onderzoek medio november 2024 zijn aangetroffen tot 4km ten westen van de landfill, met resultaten ver boven de grenswaarden). Na de branden in januari is er geen urgent MOD-onderzoek aangevraagd en ontbreekt het nog steeds aan een continu meetprogramma.
Stichting Pro Lagun stelt dat dit structurele nalaten van onderzoek en beschermende maatregelen, terwijl de risico’s bekend zijn en zich herhaaldelijk als calamiteit manifesteren, ernstige vragen oproept over de naleving van de zorgplicht. De vraag is gerechtvaardigd of hier niet langer sprake is van alleen bestuurlijk falen, maar van taakverwaarlozing en mogelijk zelfs van het nalaten te handelen terwijl dat wettelijk verplicht is (een ambtsmisdrijf).
Het College voor de Rechten van de Mens heeft vastgesteld dat in Caribisch Nederland het recht op een schoon, gezond en duurzaam leefmilieu — voortvloeiend uit het EVRM — onder druk staat. De Nationale Ombudsman heeft geoordeeld dat de vuilstort onhoudbaar is en dat een acute stop noodzakelijk is. De ILT heeft bevestigd dat in Europees Nederland geen vergelijkbare afvalcrisis bekend is, waarom op Bonaire wel.
De recente Greenpeace-uitspraak onderstreept dat de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor milieubescherming en volksgezondheid bij het Rijk ligt. De situatie op Bonaire vormt een schrijnend voorbeeld van het nalaten van het nemen van verantwoordelijkheid.
De kernvraag is niet of het probleem bekend is, maar hoe lang de overheid het zich nog kan permitteren om niet te handelen, terwijl zij weet dat fundamentele rechten en de veiligheid en gezondheid van burgers op het spel staan.
