Wat kunnen Bonairianen, Statianen en Sabanen zich toch gezegend voelen dat ze bij Nederland mogen horen. En dus hun belangen als de nood aan de mens is door gerespecteerde instituten worden behartigd. Hoe geruststellend is het niet erop te kunnen vertrouwen dat bijvoorbeeld de Onderzoeksraad voor de Veiligheid over je waakt. Die bracht deze week een alarmerend rapport uit over “ontwrichtende” gevolgen van extreme regenval door klimaatverandering. De overzeese gemeenten kunnen erover meepraten: Kralendijk staat steeds vaker onder water en Statia en Saba krijgen meer en krachtigere orkanen over zich heen. “Nederland moet meer bewust zijn van de risico’s en zich beter voorbereiden”, staat in het rapport waarin Caribisch Nederland op meerdere keren (!) wordt genoemd.
Eens kijken wat de Raad voor spannends te melden heeft over de BES-jes. Oeps: “In Caribisch Nederland is de beheersing van de risico’s anders georganiseerd, daarom is Caribisch Nederland niet meegenomen in dit onderzoek”… Dus klom Kadushi in de digitale pen om het gezaghebbende instituut uitleg te vragen: Dat de beheersing er anders is georganiseerd maakt de risico’s toch niet kleiner? Het antwoord kwam snel: “De risico’s schelen inderdaad niet qua ernst, ook in Caribisch NL speelt genoeg qua klimaat, maar in Caribisch NL speelt een andere bestuurlijke context (geen waterschappen en dijkgraven etc). Daarom hebben we de situatie daar buiten scope van het onderzoek gelaten.”
Ergo: omdat de regering ooit heeft besloten dat het voor Bonaire, Statia en Saba beter zou zijn dat ze niet bij een provincie horen, maar rechtstreeks onder de ministeries vallen, vindt de Onderzoeksraad voor de Veiligheid dat men de Caribische landgenoten niet gelijkwaardig hoeft te behandelen. Terwijl die via de Belastingdienst toch echt mede bijdragen aan het bestaan van de Raad. En juist diens steun nodig hebben, omdat het kabinet de burgers daar letterlijk liever laat verzuipen dan ze te beschermen tegen de stijgende zeespiegel.
De redding zal van een ander onafhankelijk college moeten komen. De rechtbank in Den Haag wijst komende woensdag vonnis in de zogeheten klimaatzaak die bezorgde Bonairianen samen met Greenpeace hebben aangespannen tegen de Staat der Nederlanden. De eis: regering, doe voor ons hetzelfde als je doet voor Europees Nederland om mensen te behoeden voor natte voeten en erger. Terzijde: klimaatscenario’s van het KNMI voorspellen dat voor het einde van deze eeuw half Bonaire opgeslokt zal zijn door de zee.
Op de Tweede Kamer, toch ook hún volksvertegenwoordiging, hoeven de BES-burgers niet te rekenen. Gisteren werd duidelijk dat de meeste fracties geen interesse hebben om door een keurkorps van deskundigen – van de Nationale ombudsman tot de Commissie Thodé – te worden ingewijd in de oorzaken van de wijdverbreide schrijnende armoede op de eilanden. En hoe de Kamer daarin – als die het zou willen – verandering kan brengen… Omdat alleen D66 en GroenLinks-PvdA dat wilden horen, konden de opgetrommelde experts worden afgebeld.
Hoe zou het toch komen dat onze Caribische landgenoten zich door Den Haag als tweederangsburgers afgepoeierd voelen? De minimale belangstelling voor het rondetafelgesprek staat overigens in schril contrast met het feit dat de commissieleden wel staan te trappelen om volgende maand mee te mogen naar het zonnige Aruba voor het Interparlementair Koninkrijksoverleg, in mei gevolgd door een ‘kennismakingsbezoek’ aan andere eilanden.
Laten we vrolijk eindigen. De kans van Curaçao op succes bij het WK voetbal deze zomer groeit met elke nieuwe salvo grofheden van Trump richting zijn (voorheen) Europese bondgenoten. Na zijn dreigement Groenland desnoods kwaadschiks in te pikken, klonk de roep om het voetbaltoernooi te boycotten. Zeven Europese voetbalbonden staken de koppen bij elkaar om te bespreken wat te doen als Trump nog idiotere dingen uitvreet. Misschien dat Pisas zijn oliemaatje in Mar-a-Lago maar eens moet appen: één belediging verder en de grootste WK-titelkandidaten blijven thuis en golft de Blue Wave zo door naar de finale.

