In de zondagse estafette-rubriek ‘Bericht uit…’ belichten columnisten uit de Caribische delen van het Koninkrijk bij toerbeurt de kanten van hun eiland waarvan zij vinden dat die de aandacht van alle koninkrijksburgers verdienen. Vandaag komt het bericht uit Bonaire.
Wat de toekomst brenge moge
Door Burney Elhage
Begin december heeft de maandenlang ondergedoken Venezolaanse oppositieleidster Maria Corina Machado op een miraculeuze wijze Venezuela weten te verlaten om vervolgens in Oslo op te duiken. De aanhoudende signalen dat Curaçao hier op een of andere manier actief of passief bij betrokken is geweest, heeft veel onrust veroorzaakt. Niet alleen op Curaçao, maar ook op Aruba en Bonaire.
De eilanden liggen pal voor de kust van Venezuela. Deze ontwikkeling is dan ook het gesprek van de dag op de eilanden en baart velen grote zorgen over de verdere ontwikkeling van het conflict tussen de Verenigde Staten van Amerika en Venezuela. De impact hiervan op de rust en het veiligheidsgevoel van de burger, moet niet worden onderschat. Dit nieuws heeft niet bijzonder veel aandacht (gehad) in de Nederlandse media en lijkt ook door Den Haag onderschat te worden. Althans zo komt het over. Dat Bonaire ver weg ligt, maakt het niet minder Nederlands grondgebied. Meer blijk van daadwerkelijke betrokkenheid zou op zijn plaats zijn.
Terwijl in Nederland de burger wordt opgeroepen zich voor te bereiden op een mogelijke oorlog in Europa, informatiefolders worden uitgedeeld, geadviseerd wordt noodpakketten in huis te halen en dergelijke, worden wij hier telkens geruststellend toegesproken dat er, voor wat betreft Venezuela niks aan de hand is. Inmiddels heeft de VS een armada rond om ons heen opgebouwd en lopen de spanningen hoog op. De recentelijk gepubliceerde National Security Strategy 2025 van de Verenigde Staten liegt er ook niet om.
Het is dan ook vreemd en eigenlijk niet langer acceptabel dat wij worden afgescheept met “we onderhouden rechtstreekse contacten met onze Amerikaanse partners, we zijn er niet bij betrokken of we hebben geen informatie”. Er zou op zijn minst gesproken kunnen worden over mogelijke scenario’s en de bijbehorende maatregelen die burgers zelf kunnen nemen. Maar tot nu toe doet ‘men’ het overkomen alsof de veranderende geopolitieke verhoudingen Bonaire niet zullen raken. Tegelijkertijd volgen wij het internationale nieuws via de Latijns- en Noord-Amerikaanse zenders. Ook weten wij dat de Verenigde Staten een Forward Operating Location heeft op Curaçao. Hoe verhoudt dit zich allemaal met “gerust zijn”?
Maar terug naar Venezuela, stel dat situatie escaleert, dan zijn de gevolgen niet te overzien. De escalatie kan zijn een invasie, een (cyber)oorlog, een bezetting, een negatief reisadvies voor onze eilanden, het sluiten van het luchtruim of de grenzen, om maar enkele scenario’s te noemen. De economie die vrijwel volledig op toerisme draait, zou dan zo weer kunnen instorten om een voor de hand liggend voorbeeld te noemen. Waarom wordt de bevolking niet geïnformeerd, aangemoedigd om zelfredzaam te kunnen zijn mocht er een escalatie optreden?
De afgelopen dagen is de strategische waarde – van de ligging – van de eilanden nogmaals gebleken. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben de olieraffinaderijen op Curaçao en Aruba een cruciale rol gespeeld voor de toevoer van olie naar de geallieerden. Zonder de olieproductie van deze fabrieken – en de inzet van hun werknemers – had de oorlog veel langer geduurd of was deze op een andere manier afgelopen. Dit is een onderbelicht of vergeten hoofdstuk in de geschiedenis, maar dit terzijde.
Uit de National Security Strategy 2025 blijkt dat de Verenigde Staten zich in toenemende mate gaat bemoeien met het Latijns-Amerikaanse continent, zijn achtertuin. In dat opzicht zijn deze eilanden waardevol, niet alleen economisch en trans-Atlantisch maar ook militair. Tegelijkertijd is dit een double edged sword, want de Venezolanen willen uiteraard geen pottenkijkers op de stoep. Dit biedt een extra basis voor hun geografische claim op de eilanden. Als eilanden hebben wij belang bij een stabiel Venezuela, het liefst met een parlementaire democratie. Maar hoe reëel is dat vandaag de dag waarin democratieën onder druk staan en een voor een veranderen in totalitaire regimes?
Al met al zijn dit ontwikkelingen die boven onze hoofden afspelen en waar wij als eilanden, weinig tot geen grip op hebben. Gelijk het lied en gedicht van Jacqueline E. Van der Waals (1868 – 1922) “Wat de toekomst brengen moge” zullen we in deze onzekere tijden vertrouwen, acceptatie en moed moeten houden. Het enige wat de lokale overheid en Den Haag ons altijd schuldig zijn, is informatie. Informatie zodat we ons kunnen voorbereiden. Voorbereiden op wat de toekomst brengen moge.
