Den Haag – Kamerbreed zijn de zorgen groot dat de oplopende spanning tussen de Verenigde Staten en Venezuela ingrijpende gevolgen kan hebben voor Aruba, Curaçao en Bonaire.
Dat bleek in het debat vanavond van de Kamercommissie Buitenlandse Zaken met de ministers Van Weel (Buitenlandse Zaken) en Brekelmans (Defensie). De aanwezigheid van tien van de vijftien fracties maakte duidelijk dat de mogelijke impact van het dreigende conflict voor de ‘voordeur’ van de eilanden door de Kamer uiterst serieus wordt genomen. Of dat ook geldt voor het kabinet was een terugkerende vraag.
De zorgen van de commissieleden hebben in de eerste plaats betrekking op de veiligheid op de eilanden. Minister Van Weel benadrukte dat er “op dit moment geen acute dreiging is”, maar moest erkennen geen inzicht te hebben in de (werkelijke) bedoelingen van de VS, omdat die daarover geen informatie delen. Zorgen bestaan er daarnaast over de voedselzekerheid als de aanvoer over zee stokt, wegblijvende toeristen en de toestroom van Venezolaanse vluchtelingen.
Van Weel verklaarde dat er verschillende ‘what if-scenario’s worden uitgewerkt, Hij weersprak het bijna unanieme verwijt dat het kabinet te afwachtend is en onvoldoende proactief informatie deelt met de eilanden. De minister stelde dat er frequent overleg is met de ministers-presidenten Pisas en Eman en gezaghebber Soliano. “Ze kunnen me dag en nacht bellen.” Van Weel zei voorts dat er geen aanwijzingen te hebben dat rekening moet worden gehouden met een grote vluchtelingenstroom.
Minister Brekelmans herhaalde dat er geen sprake is van een acute dreiging. Hij voegde er aan toe dat de militaire bewegingen van zowel de VS als Venezuela nauwlettend worden gemonitord. Het risico dat de eilanden op een of andere manier toch betrokken zouden raken bij een militair conflict noemde hij hoogst onwaarschijnlijk.
Samen met de eilanden worden voor de verschillende scenario’s ‘noodplannen’ gemaakt, bijvoorbeeld als de bevoorrading in gevaar zou komen. Met het eventueel verhogen van de militaire capaciteit op de eilanden is Defensie terughoudend, omdat dat door Venezuela ‘verkeerd’ zou kunnen worden opgevat. Maar Defensie is wel paraat om binnen 48 uur de eilanden ondersteuning te bieden, bijvoorbeeld als er sprake is van ‘verstoringen’ in de logistieke keten waardoor er tekorten dreigen te ontstaan. Met het oog daarop is er o.a. een bevoorradingsschip van de Marine naar Curaçao.
Aan het slot erkende Van Weel dat het kabinet proactiever kan communiceren, met name in de richting van de lokale bevolking, maar dat dan wel in samenspraak met de eilandbestuurders. Het commissiedebat krijgt nog in de vorm van een tweeminutendebat een vervolg waarbij fracties de gelegenheid hebben moties in te dienen.
