COLUMN – Bericht uit Aruba

In de zondagse estafette-rubriek ‘Bericht uit…’ belichten columnisten uit de Caribische delen van het Koninkrijk bij toerbeurt de kanten van hun eiland waarvan zij vinden dat die de aandacht van alle koninkrijksburgers verdienen. Vandaag komt het bericht uit Aruba.

Waar is het feestje?

Door Jessica Besselink

Op een eiland dat feestvieren tot een kunst heeft verheven, is december de feestmaand bij uitstek. We houden van een feestje; we zijn niet voor niks ‘One happy Island’.

Al in oktober begint de aanloop: ayaca-bestellingen worden geplaatst, gaita-groepen repeteren. Zowel gaita-muziek als ayaca’s zijn vanuit Venezuela geadopteerd en zo geïntegreerd dat ze onmisbaar zijn bij de uitbundigheid rond de viering van Jezus’ verjaardag. Waar het kerstdiner in het moederland beperkt blijft tot eerste en tweede kerstdag, sluit hier iedere vriendengroep, organisatie, sportclub of klas het jaar af met een eigen ‘christmas dinner’. Het is niet voor niets dat onze gemiddelde BMI een van de hoogste wereldwijd is.

En juist in een samenleving waar alles een feestje waard lijkt, wordt zelden gevraagd wie dat feestje heeft bedacht en langs welke weg het hier terechtkwam. Dat rechts-extremisten beelden van de intocht op óns eiland op sociale media delen als bewijs dat ‘het allemaal wel meevalt’, is wrang. In Nederland hebben felle discussies geleid tot nieuwe vormen en inzichten. Op Aruba is de traditie rond die andere verjaardag begin december geen onschuldige gewoonte, maar een restant van een opgelegd cultureel systeem dat blijft wringen, omdat het nooit uit de eigen context is ontstaan.

Het is hetzelfde jasje dat we onze kinderen blijven aantrekken: in tradities, in taal en in een onderwijssysteem dat niet aansluit bij wie zij zijn en hoe ze leven. Zo werd deze traditie via school genormaliseerd, net als het hardnekkige idee dat Nederlands als instructietaal en een Nederlands onderwijssysteem beter zouden zijn, met onze kinderen die de dupe zijn. Dat black face nog steeds wordt verdedigd, terwijl Nederland zelf is verschoven in zijn denken over racisme, laat zien hoe ongelijk postkoloniale vernieuwing verloopt. Het jasje past niet, maar we blijven het dragen, en intussen fungeert Aruba in het Nederlandse debat als moreel alibi.

Zolang we niet zelfbewust genoeg zijn om ons te ontdoen van het jasje dat nooit heeft gepast, en zolang we geen Status Aparte hebben binnen het onderwijsveld, blijven we mensen vormen die zichzelf door een kolonialistische bril bekijken. Niet zelfverzekerd genoeg om kritisch te denken, of verdedigen we vooral een traditie omdat het voelt alsof ons een feestje wordt afgepakt?

We noemen Sinterklaas op Aruba een traditie, maar zelden vragen we van wie die traditie is en langs welke weg zij hier gekomen is. Dande en Dera Gai zijn van binnenuit gegroeid, gaita en ayaca kwamen van opzij, met onze buren mee, maar Sinterklaas kwam van boven, via school, overheid en kerk – samen met het idee dat wat uit Europa komt vanzelf ‘beter’ en ‘van kwaliteit’ is.

Ik zie die ochtend op de kleuterschool nog voor me: een volwassen man, zwart geschminkt en kleurig verkleed, rent achter een kleuter aan met een roe, zogenaamd om hem in de zak mee te nemen naar Spanje. Wij stonden er verstijfd van schrik naar te kijken. Wat achter dit ogenschijnlijke kinderfeestje schuilgaat, is veel groter: het reproduceert precies hoe slavernij werkte. Het kind wordt gestraft voor iedereen en gescheiden van zijn moeder. In de slavernij was een bomba geen gewone slaaf, maar een tot toezichthouder verheven slaaf: iemand die, om te overleven, het systeem moest helpen handhaven. Vaak wreder dan de shon zelf, omdat zijn positie alleen veilig was, zolang hij harder sloeg dan de meester. Op een eiland waar generaties terug, kinderen van hun moeder gescheiden werden door de eigenaren, ook toen het niet meer wettelijk mocht, is het bijzonder wreed om te dreigen met het meenemen naar Spanje.

Intussen zijn we gegroeid in moreel besef en pedagogiek. In principe slaan we geen kinderen meer, in ieder geval niet op school. We spreken over veiligheid, vertrouwen, kindgericht onderwijs. Wat zegt het over onze opvoedidealen wanneer een volwassen man, met mijn uiterlijke kenmerken uitvergroot tot stereotype, wordt ingezet om kinderen te laten gehoorzamen? Is een karikatuur van wie jij bent werkelijk de manier waarop we onze kinderen willen leren wat goed en fout is?

Door deze poppenkast krijgen kinderen mee dat een figuur die op henzelf lijkt, onderdanig hoort te zijn aan de witte baas, en dat gehoorzaamheid de norm is: een heel systeem van onderdrukking wordt subtiel en met de paplepel meegegeven. Als je het mechanisme hierachter niet kan zien, wat is er dan nog nodig? Nu moeten we ook groeien in zelfbewustzijn, zelfvertrouwen en kritisch denken.

Voor wie meer wil weten over slavernij op Aruba is Slaven zonder plantage van Luc Alofs een must. Vooral voor wie geschiedenis onderwijst. Net als het zwarte jongetje in het Rijksmuseum, uit de documentaire New Light van Ida Does, eeuwenlang onzichtbaar was, zie je het pas als het kwartje valt. De intochtcommissie 2025 van Aruba mag wat mij betreft in de zak van Sinterklaas mee naar Spanje. Foei!

**************************************************************************************

Lees HIER: Terugkeer ‘Zwarte Piet’ zorgt voor ophef op Aruba

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.