Staatsdeelneming Nederland in Winair helpt Statia en Saba niet

Den Haag – Het besluit van de Nederlandse regering aandelen in de Sint Maartense luchtvaartmaatschappij te nemen, heeft zijn doel gemist. Dat doel was dat Sint Eustatius en Saba tegen betaalbare vliegtarieven met Sint Maarten en daarmee de rest van de wereld verbonden zouden worden.

“Het instrument van de beleidsdeelneming is in het geval van Winair niet geschikt gebleken om het publieke belang structureel te borgen, omdat de ticketprijzen tussen de bovenwindse eilanden nog steeds als te hoog worden beschouwd”, erkent minister Robert Tieman van Infrastructuur en Waterstaat. Dat had het ministerie eerder kunnen bedenken, blijkt uit diens constatering “dat het belang van de Staat als aandeelhouder strijdt met het belang van het bedrijf, omdat de inzet op verlaging van de ticketprijzen het bedrijfsbelang onder druk zet.”

Het kabinet kiest daarom, overigens pas na tal van adviesrapporten en lang aarzelen, voor de optie van een zogeheten public service obligation (openbaredienstverplichting). Dat betekent dat de minister een concessie kan geven aan een luchtvaartmaatschappij die bereid is onder door het ministerie te bepalen voorwaarden t.a.v. vliegfrequentie en ticketprijzen de route te bedienen, in ruil waarvoor de overheid subsidie verleent om de exploitatieverliezen te dekken.

Er is een wijziging van de Luchtvaartwet BES nodig om dit mogelijk te maken. Het wetsvoorstel is inmiddels ter behandeling aan de Tweede Kamer voorgelegd. De streefdatum voor de inwerkingtreding van het wetsvoorstel is 1 oktober 2026.

Lees HIER de Memorie van Toelichting

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.