In de zondagse estafette-rubriek ‘Bericht uit…’ belichten columnisten uit de Caribische delen van het Koninkrijk bij toerbeurt de kanten van hun eiland waarvan zij vinden dat die de aandacht van alle koninkrijksburgers verdienen. Vandaag komt het bericht uit Sint Maarten.
“Zo sarcastisch als het mot, zo helpt me onze God”
Door Terrance Rey
In mijn column van vandaag zweer ik plechtig dat ik zo sarcastisch zal zijn als ik menselijk aankan, zo helpe mij God. (We beginnen dus al met mogelijke meineed. Maar gelukkig is dat tegenwoordig kennelijk een clawbackbare zonde.)
Want ja hoor, dames en heren, Sint Maarten heeft er wéér een juridisch unicum bij. De rechter heeft een curve ball gegooid waar zelfs Akeem Arrindell – ex-MP, ex-politieagent, ex-rolmodel, fulltime deelnemer aan het volksspelletje ‘politieke creativiteit’ – waarschijnlijk nog steeds dizzy van is: je kunt dus je parlementaire salaris terug moeten betalen als blijkt dat je bij je eed stond te liegen.
Nou, hallelujah en pass de offermand.
We hebben eindelijk een land waar woorden “consequenties” beginnen te krijgen. Althans… soms. Heel soms. Heel, héél soms. (We willen de verwachtingen niet té hoog zetten, hè.)
“Eedwoorden zijn slechts woorden, en woorden zijn slechts wind.” Samuel Butler schreef het eeuwen geleden. En sommige mensen zouden dat vandaag nog steeds als handleiding gebruiken bij hun beëdiging, terwijl ze zachtjes hun eed mompelen alsof God slechthorend is.
Maar nu — surprise! — blijkt dat die wind toch wat pittiger kan waaien. De rechter heeft namelijk geoordeeld dat als een MP liegt bij zijn eed, zijn salaris kan worden teruggefloten. Ik herhaal: zijn salaris.
Let wel – niet zijn jazzy haardracht, niet zijn seksvideos, niet zijn nieuwe Toyota, niet zijn politieke carrière (die was toch al in hospice care), maar zijn salaris. De heilige graal van Sint Maartense politieke privileges. De zuurverdiende belastingcenten van de burger, terug… naar de burger. Een wonder! Een kerstverhaal in november!
Nieuwe trend: fluister-eed 2.0
Ik kan me de volgende lichting parlementariërs al helemaal voorstellen. Geen luid en trots “Zo waarlijk helpe mij God,” meer. Nee hoor. Nu krijgen we: “Zo …waar ..help… mij… God… (ASML-geluid in de achtergrond)… ik heb niets gezegd hoor, Your Honor.” En daarna een snelle blik naar de griffier: “U heeft dat toch niet gehoord, hè? Want woorden zijn wind, toch?”
Let op: zélfs de rechter en de griffier zijn niet veilig
En dan heb ik nog een boodschap voor de rechtbank zelf. Volgens het derde gebod mag je Gods naam niet ijdel gebruiken. Dus ook rechters en griffiers zouden bij hun beëdiging niet moeten doen alsof God zomaar een wettelijke formaliteit is die je samen met je toga aantrekt. Als de nieuwe jurisprudentie straks zegt dat iedereen financieel kaalgeplukt kan worden bij een oneerlijke eed… nou, dan wordt het gezellig in het Landshuis. Dan gaan we kassa’s horen rinkelen zoals in een casino in Cupecoy.
Maar goed, terug naar Akeem. De man is al eerder veroordeeld voor stemfraude en het soort verkiezingspraktijken dat je normaal alleen in spannende Netflix-series ziet. Maar nu komt er dus een nieuwe klap: Je loog bij je eed? Oké, geef je salaris maar terug.
Eerlijk is eerlijk, dit is een precedent van jewelste. Een unicum. Een juridisch historisch moment. Een signaal dat de rechterlijke macht eindelijk zegt: “Genoeg. We verwachten dat wanneer je ‘zo waarlijk helpe mij God’ zegt, je ten minste probeert God niet voor schut te zetten.”
En nu? Als dit precedent blijft staan, dan hou ik mijn hart vast. Want als iedereen die ooit jokte bij zijn eed van publieke dienst zijn salaris moet terugbetalen… Dan kunnen we heel snel de begroting van Sint Maarten sluiten met een meevaller waar zelfs het Cft gelukkig van wordt.
Tot zover mijn plechtige gelofte van sarcasme voor vandaag. En ja, zo helpe mij God. (Als Hij na deze column nog steeds wil.)
