Den Haag – Het Bestuurscollege van Bonaire moet binnen twee weken met documenten onderbouwen dat de begroting 2026 wél realistisch is, anders kan deze door de papierversnipperaar omdat staatssecretaris van Koninkrijksrelaties Eddie van Marum er niet zijn goedkeuring aan kan geven. Dat blijkt uit een brief die hij vandaag naar het bestuurscollege en de eilandsraad heeft gestuurd.
Hoewel het eilandbestuur welbewust herhaalde waarschuwingen van het College financieel toezicht dat de begroting niet deugt in de wind heeft geslagen, is Van Marum opvallend coulant: hij stelt zijn besluit om de begroting goed, dan wel af te keuren uit tot 23 december. Als hij dat niet zou hebben gedaan, zou het openbaar lichaam met onmiddellijke ingang geen enkele uitgave meer mogen doen zonder toestemming van het ministerie. Dat scenario kan zich alsnog voordoen als het BC er niet in slaagt de geloofwaardigheid van de begroting voor 15 december aan te tonen.
Uit de brief van Van Marum blijkt voorts dat er van de door voormalig gedeputeerde van Financiën Clark Abraham en diens opvolger Anthony Weber beloofde verbetering van het financieel beheer niets terecht is gekomen: “Het bestuurscollege, het Cft en mijn ministerie zijn al langere tijd met elkaar in gesprek over het realiteitsgehalte van de begrotingen van Bonaire. Er is een verbeterplan financiële processen opgesteld en er is herhaaldelijk gevraagd om verbetering van begrotingsdocumenten. Helaas heeft dit nog niet tot de gewenste verbeteringen geleid.”
Tekst brief van Van Marum aan de eilandsraad van Bonaire
Op 25 november jl. heb ik door tussenkomst van het College financieel toezicht Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Cft BES), de door u op 4 november jl. vastgestelde begroting voor het jaar 2026 ontvangen.
Op grond van artikel 19, eerste lid Wet financiën openbare lichamen BES (FinBES) behoeft deze begroting de goedkeuring van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het Cft adviseerde op 18 september 2025 bij de ontwerpbegroting 2026. Door onvolledige informatie kon het Cft niet beoordelen of de ontwerpbegroting 2026 realistisch is en voldoet aan artikel 19, lid 2 Wet FinBES. Het Cft adviseerde Bonaire derhalve een aantal aanpassingen in de ontwerpbegroting aan te brengen. De door het Cft eerder geadviseerde wijzigingen zijn door Bonaire slechts beperkt opgevolgd waardoor de kwaliteit van de begroting nauwelijks is verbeterd.
Op basis van de vastgestelde begroting en de doorgeleiding van het Cft BES, concludeer ik dat de begroting onvoldoende informatie bevat en daarmee niet voldoet aan artikel 19, tweede lid, van de FinBES. Dit betekent dat onder deze omstandigheden geen goedkeuring kan worden verleend aan de begroting.
Het realiteitsgehalte van de begroting van Bonaire is essentieel en noodzakelijk voor het bestuurscollege en de eilandsraad om zijn taken en verantwoordelijkheden richting de bevolking van Bonaire goed uit te oefenen. Het onthouden van de goedkeuring leidt ertoe dat het begrotingstraject opnieuw zal moeten worden gevolgd en uitgaven niet kunnen worden gedaan. Om die reden ben ik bereid om Bonaire binnen de kaders van de FinBES extra tijd te gunnen en alsnog de ontbrekende informatie aan te leveren. Ik heb het Cft gevraagd om op basis van die informatie met een herzien advies te komen alvorens ik besluit de begroting 2026 (gedeeltelijk) goed te keuren of van goedkeuring te onthouden. Ik heb dan ook besloten om mijn besluit met twee weken te verdagen, tot en met 23 december 2025.
Het bestuurscollege, het Cft en mijn ministerie zijn al langere tijd met elkaar in gesprek over het realiteitsgehalte van de begrotingen van Bonaire. Er is een verbeterplan financiële processen opgesteld en er is herhaaldelijk gevraagd om verbetering van begrotingsdocumenten. Helaas heeft dit nog niet tot de gewenste verbeteringen geleidt. Er zijn structurele veranderingen nodig in het financieel beheer om een dergelijke situatie in de toekomst te voorkomen. Mijn ministerie treedt graag per direct met u in gesprek om afspraken te maken over de versnelling van de uitvoering van het borgingsplan financiële processen en de manier waarop hierin ondersteunt kan worden. De voortgang dient zichtbaar en controleerbaar te zijn onder andere in de kwaliteit en tijdigheid van de begrotingsstukken. Daarnaast informeert het openbaar lichaam BZK en het Cft BES periodiek over de voortgang.
Omdat ik niet kan beoordelen of de begroting 2026 realistisch is omdat de basis onvoldoende feitelijk verifieerbaar is heb ik het bestuurscollege verzocht uiterlijk 15 december 2025 aanvullende informatie bij het Cft ter beoordeling in te dienen. Zie voor meer informatie ook de brief aan het bestuurscollege, die u in afschrift heeft ontvangen. Indien niet of onvoldoende wordt voldaan aan dit verzoek ben ik voornemens de goedkeuring van de begroting 2026 te onthouden op grond van artikel 19, tweede lid, en dient het openbaar lichaam Bonaire een nieuwe ontwerpbegroting 2026 op te stellen.
Een afschrift van deze brief zal gezonden worden aan het College financieel toezicht BES.
