In de zondagse estafette-rubriek ‘Bericht uit…’ belichten columnisten uit de Caribische delen van het Koninkrijk bij toerbeurt de kanten van hun eiland waarvan zij vinden dat die de aandacht van alle koninkrijksburgers verdienen. Vandaag komt het bericht uit Bonaire.
Perceptie is de dagelijkse realiteit
Door Burney Elhage
Over de hele wereld worden feiten overschaduwd door aannames, emoties en onderbuikgevoelens. Dit is niet iets van deze tijd. Zelfs in de geschiedenisboeken zijn ze terug te vinden: stellingen die als feiten worden gepresenteerd maar – wegens gebrek aan bewijs – eigenlijk simpelweg aannames of veronderstellingen zijn, gebaseerd op emoties of onderbuikgevoel. De komst van social media heeft er een nieuwe dimensie aan toegevoegd.
Elk individu heeft nu toegang tot een of meerdere platforms om meningen en emoties te delen als zijnde de waarheid. Hoe vaak betreft het niet – uit angst geboren – onderbuikgevoelens, percepties of algemene conclusies gebaseerd op een incident. Deze uitingen beïnvloeden vervolgens in meer of mindere mate de publieke opinie. De onafhankelijk vastgestelde en onderbouwde feiten doen er niet toe. Kritisch nadenken lijkt er ook niet meer toe te doen. Het eigen gelijk en de eigen perceptie zijn dan al snel feit geworden, de nieuwe realiteit.
Ook op Bonaire is het niet anders: perceptie is al snel de realiteit. Na 15 jaar onderdeel uit te maken van het Nederlandse staatsbestel is er een nieuwe realiteit ontstaan. Volgens de Grondwet van Nederland ligt een deel van Nederland in het Caribisch Gebied. Bonaire is een Caribisch openbaar lichaam in dit Caribische deel van Nederland. Het eiland telt momenteel rond de 27.000 inwoners. Als we aan al de inwoners vragen te reflecteren op de afgelopen 15 jaar en aan te geven hoe het nu met Bonaire gaat, zullen de antwoorden uiteenlopen aangezien de percepties verschillend zijn.
Feit is dat het inwoneraantal tot 10-10-10 onder de 16.0000 is gebleven, inclusief de – vaak tijdelijke – immigranten en rekening houdend met het gegeven dat landskinderen van oudsher vaak emigreerden naar omringende eilanden of elders. Sinds 2010 is het inwoneraantal aanzienlijk toegenomen, voornamelijk door de instroom van Curaçaoënaars en Europese Nederlanders. De interessante vraag is of een meerderheid van deze (nieuwe) bewoners blijvers zijn of passanten. Of dat Bonaire de traditie behoudt van een eiland van met name passanten.
Vooralsnog lijken de nieuwe inwoners – die zich wegens een goed betaalde baan op het eiland vestigen – passanten te zijn. Ze zijn vergelijkbaar met de toerist, zij het dat ze voor een iets langere periode op het eiland verblijven. Hun beleving van Bonaire is meestal gebaseerd op een geromantiseerd beeld, het tropische vakantiegevoel en de ervaringen opgedaan in een bubbel waarbij opgemerkt kan worden dat de binding met het eiland en zijn bewoners vaak beperkt is.
De traditionele blijvers zijn meestal vooringenomen door hun sociaal-materiële positie in de maatschappij. Diegenen die minder bedeeld zijn of zelfs een armoedig bestaan leiden, geven in hun beleving prioriteit aan korte termijnverlichting van alledaagse sores, waaronder de uitdagingen om rond te komen en een fatsoenlijk bestaan te leiden. De, naar Bonairiaanse maatstaven gemeten, welgestelden prioriteren de mogelijkheid van een kwalitatief leefklimaat, zekerheid en veiligheid. Beide groepen hebben wel één ding gemeenschappelijk: een schijnbare verminderde recollectie van het Bonaire van voor 10-10-10. Bij het beantwoorden van de vraag “Hoe gaat het nu met Bonaire?” lijkt er geen vergelijking te worden gemaakt tussen de het hedendaagse Bonaire versus de situatie van voor 2010.
In plaats hiervan wordt er wel vaak een vergelijking gemaakt met Europees Nederland. Geef ons ongelijk. Hoe het gaat met Bonaire wordt gemeten aan de hand van de ‘gap’ tussen voorzieningen en ontwikkelingsmogelijkheden hier in Caribisch Nederland en daar in Europees Nederland. Het antwoord op de vraag of het na 15 jaar ‘directe banden’ met Nederland beter gaat met Bonaire is onlosmakelijk verbonden met de perceptie van zijn bewoners.
Alhoewel de feiten op substantiële vooruitgang wijzen, is de perceptie van – met name van de ‘landskinderen’- dat Bonaire achtergesteld, erop achteruitgegaan en er slechter aan toe is. Door de enorme toename van de bevolking en de collectieve perceptie is er een nieuwe realiteit ontstaan: een samenleving die zich qua voorzieningenniveau en ontwikkelingsmogelijkheden niet vergelijkt met de periode voor 10-10-10, maar met het Nederland van nu. De bestuurders en politici, zowel op Bonaire als in Europees Nederland, moeten deze nieuwe realiteit eigenlijk wel onderkennen, vooral omdat er in de perceptie nog het een en ander rechtgezet kan worden.
