Archieffoto: Gerritjan van Oven en de Curaçaose politica Suzy Römer.

Fotograaf: ©DossierKoninkrijksrelaties

CAS-landen krijgen alsnog stem over koninkrijksregelingen

Den Haag – De Rijksministerraad heeft besloten acht zonder wettelijke grondslag tot stand gekomen koninkrijksregelingen om te zetten naar een Rijkswet. Dat betekent dat de vier parlementen alsnog een stem krijgen, waarmee het zogeheten democratisch deficit in het Koninkrijk ten dele wordt gerepareerd. Daarvoor is wel de tijd genomen: 25 jaar.

In 2000 diende Tweede Kamerlid Gerritjan van Oven (PvdA) een initiatiefwetsvoorstel in om te voorkomen dat Nederland zijn meerderheid in de Rijksministerraad zou blijven gebruiken om via Algemene Maatregelen van Rijksbestuur regelingen aan de andere landen op te leggen. Aanleiding was de boosheid bij de oprichting in 1995 van de Kustwacht Caribisch Nederland. De Nederlandse regering koos voor een AMvRB omdat een consensusrijkswet te veel tijd zou kosten. Statenleden van de Nederlandse Antillen en Aruba deden hun beklag daarover in de halfjaarlijkse overleggen met Kamerleden, toen nog Contactplan geheten.

De landen juichten het initiatief van Van Oven toe, maar de Nederlandse regering voelde er niets voor macht in te leveren. Nadat de PvdA’er in 2003 de Kamer verliet, raakte zijn wetsvoorstel verweesd. In 2016 nam partijgenoot Roelof van Laar het dossier onder zijn hoede. Om een meerderheid in de Tweede en Eerste Kamer te verwerven, paste hij het voorstel aan: de AMvRB werd niet volledig in de ban gedaan en zou in “uitzonderlijke gevallen voor een beperkte duur” wel mogelijk blijven.

Tweede Kamer
Toenmalig Kamerlid Van Laar en minister Plasterk (©DossierKoninkrijksrelaties).

In 2019 namen de Staten van Curaçao de wet aan, in 2020 gevolgd door die van Sint Maarten. De Staten van Aruba lagen onder aanvoering van de MEP-fractie dwars waardoor de wet pas medio 2023 werd aangenomen. Deze is sinds 1 januari 2024 van kracht, waarna het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de thans voorliggende consensusrijkswet heeft voorbereid waarmee in één klap acht AMvRB’s van een wettelijke grondslag voorzien.

Nu de Rijksministerraad zijn akkoord heeft gegeven, zal staatssecretaris Eddie van Marum (Koninkrijksrelaties) het wetsvoorstel voor advies naar de Raad van State van het Koninkrijk sturen. De verwachting is dat de wet na de jaarwisseling aan de parlementen wordt voorgelegd. Na een schriftelijke ronde volgt een plenair debat waaraan bijzondere gedelegeerden van de Staten van Curaçao, Aruba en Sint Maarten kunnen deelnemen. Daarmee is het democratisch deficit nog niet opgeheven, want ze zijn uitgesloten van de uiteindelijke stemming.

De procedure moet voor 1 januari 2028 afgerond zijn, want dan eindigt de in het Statuut opgenomen overgangsregeling van vier jaar. Initiatiefnemer Gerritjan van Oven maakt het niet meer mee: hij overleed op 18 maart van dit jaar.

Het betreft de volgende acht AMvRB’s: 1. Samenwerkingsregeling waarborging plannen van aanpak landstaken Curaçao en Sint Maarten; 2. Rijksbesluit rechtsopvolging burgerlijke rechten en verplichtingen Nederlandse Antillen; 3. Rijksbesluit overname geldleningen Nederlandse Antillen, Curaçao en Sint Maarten; 4. Besluit Rode Kruis 1988; 5. Besluit vrijwilligersmedaille openbare orde en veiligheid; 6. Rijksbesluit financiering parket van de procureur-generaal; 7. Rijksbesluit opvolging Sociale Verzekeringsbank Nederlandse Antillen; 8. Schepenbesluit 2004.

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.