Bonaire

Van Haasen (PVV): Slavernijverleden is verdienmodel

Peter van Haasen (PVV) betoogde in het commissiedebat over de verwerking van het slavernijverleden dat sprake is van een “verdienmodel voor een subsidie-gedreven slachtofferindustrie van instellingen, belangenorganisaties en activisten die draaien op overheidsgeld en zichzelf aan de praat houden met herdenkingen, adviescommissies, workshops en bewustwordingssubsidies.”

Sinds het excuus van voormalig premier Rutte — “we zetten een komma, geen punt” — is een verdienmodel opgetuigd waar de honden geen brood van lusten. Organisaties die zich richten op het slavernijverleden ontvangen enorme bedragen, vaak tientallen miljoenen euro’s. Het slavernijfonds is geen begin van herstel, maar het doorzetten van een subsidie-industrie die vooral zichzelf in stand houdt.

Ik begin met een passage uit het verkiezingsprogramma van de PVV van 2023. En ik citeer: “De PVV houdt van Nederland. Wij zijn trots op onze cultuur, identiteit en tradities. Die moeten we dan ook behouden. Niet uitwissen. De linkse haat waarin helden uit onze geschiedenis worden beschimpt wordt beëindigd. De excuses voor het slavernijverleden en de politionele acties, zoals gedaan door de Koning, worden ingetrokken. Zwarte Piet blijft.”

Deze woorden hebben weerklank gevonden bij miljoenen Nederlanders. Ze weerspiegelen het gezonde gevoel dat leeft in het land: trots zijn op wie we zijn, en ophouden met het eindeloze sorry zeggen over een verleden waar niemand vandaag de dag nog verantwoordelijkheid voor draagt.

Deze boodschap heeft bijgedragen aan het feit dat wij hier nu staan als de grootste partij van Nederland. En dus zeg ik: als er één partij is die oprecht mag spreken over historisch bewustzijn én over het hier en nu, dan is het de PVV. Want wij laten ons niet gijzelen door schuldgevoel en subsidiehonger. Wij kiezen voor waarheid, voor nuchterheid, en voor Nederland.

Sinds het excuus van voormalig premier Rutte — “we zetten een komma, geen punt” — is een verdienmodel opgetuigd waar de honden geen brood van lusten. Organisaties die zich richten op het slavernijverleden ontvangen enorme bedragen, vaak tientallen miljoenen euro’s. Het slavernijfonds is geen begin van herstel, maar het doorzetten van een subsidie-industrie die vooral zichzelf in stand houdt.

Een verdienmodel voor tussenpersonen en zelfbenoemde vertegenwoordigers die vooral hun eigen rekening spekken. Neem alleen al het slavernijmuseum: er is al een directeur benoemd voor een termijn van vier jaar, met mogelijke verlenging van nog eens vier jaar — terwijl de eerste paal nog geslagen moet worden en de deuren pas rond 2030 opengaan. Tegen die tijd is zijn termijn verlopen, en na een verlenging is de man allang pensioengerechtigd.

Maar intussen wordt er al bakken met publiek geld uitgegeven aan salarissen, voorbereidingen en managementlagen. Dit museum is geen herinnering aan het verleden, dit is zakkenvullerij van de toekomst. En dat is geen uitzondering. Suriname, ooit onze kolonie, heeft sinds de onafhankelijkheid miljarden van Nederland ontvangen en werd bovendien schulden kwijtgescholden. En elk jaar gaan er nog steeds honderden miljoenen richting het Caribisch deel van het Koninkrijk. Maar in plaats van echte emancipatie en zelfredzaamheid, blijft men liever afhankelijk en de hand ophouden. Dat is geen eerherstel — maar het in stand houden van slaafs gedrag.

Wat opvalt in de huidige discussie is het selectieve verhaal dat wordt verteld. Er is veel aandacht voor de Nederlandse rol in de trans-Atlantische slavenhandel, maar vrijwel niemand spreekt over het feit dat Nederlanders slaven kochten van zwarte Afrikaanse koningen, krijgsheren en stammen die hun eigen mensen gevangen hielden en verkochten. Die kant van het verhaal wordt structureel genegeerd. En dan nog iets: de islamitische wereld kende eeuwenlang een grootschalige slavenhandel die miljoenen Afrikanen trof via handelsroutes over de Sahara, de Rode Zee en de Indische Oceaan.

Geschat wordt dat tussen de 10 en 17 miljoen Afrikanen werden verhandeld. Mannen werden vaak gecastreerd, waardoor zij geen nazaten konden voortbrengen; vrouwen werden ingezet als seksslavin en slachtoffer van structureel misbruik. Tegelijkertijd maakten Barbarijse zeerovers meer dan een miljoen Europeanen tot slaaf. Daarover horen we vrijwel niets. Geen excuses, geen herdenking, geen museum — omdat deze ongemakkelijke waarheid liever wordt verzwegen.

Wat we vandaag bespreken is geen herdenken, geen historische reflectie, maar het in stand houden van een subsidie-gedreven slachtofferindustrie. Een kring van instellingen, belangenorganisaties en activisten die draaien op overheidsgeld en zichzelf aan de praat houden met herdenkingen, adviescommissies, workshops en bewustwordingssubsidies.

De PVV zegt dan ook: laat geschiedenis geen verdienmodel zijn. Geen zakkenvullerij onder het mom van bewustwording. Geen subsidies voor lege monumenten of bureaucratische zelfverheerlijking. Maar wel: nuchter beleid, historische waarheid en respect voor onze nationale trots.

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.