In de zondagse estafette-rubriek ‘Bericht uit…’ belichten columnisten uit de Caribische delen van het Koninkrijk bij toerbeurt de kanten van hun eiland waarvan zij vinden dat die de aandacht van alle koninkrijksburgers verdienen. Vandaag komt het bericht uit Saba.
Tussen groene idealen en eilandrealiteit
Door Jessica Besselink
Saba is groen. Een parel in de Caribische Zee, met witte huisjes met rode daken tegen de groene bergflanken. Ieder huis heeft een “cistern,” een regenbak waarin regenwater wordt opgevangen voor huishoudelijk gebruik en tegenover het vliegveld ligt een veld zonnepanelen. Het lijkt een duurzaam paradijs, maar de praktijk is weerbarstiger.
Vaak voldoen we wel aan Europese maatstaven, maar de kleinschaligheid maakt het complex. Zie bijvoorbeeld het straatbeeld met de verschillend gekleurde afvalcontainers. In theorie is afvalscheiding geregeld, maar in de praktijk is er geen statiegeld, en verdwijnen gft, plastic, glas en restafval alsnog in dezelfde bak; uit gemak, gebrek aan handhaving of het hardnekkige misverstand dat het uiteindelijk toch op één hoop terechtkomt. En dat terwijl er veel moeite en bakken vol geld in afvalverwerking wordt gestoken.
Als nieuwkomer was het een omslag: uit principe gebruikte ik al jaren geen plastic waterflessen, maar hier moest ik ineens wekelijks dozen petflessen mineraalwater aanschaffen voor mijn gezin. Door het gebrek aan waterleiding komt drinkwater uit de supermarkt of wordt in beperkte mate geleverd door lokale leverancier Saba Splash. De goedbedoelende, maar nogal bemoeizuchtige adviezen van mijn huisbaas over mijn toiletgebruik bij onze eerste kennismaking waren niet bepaald wat ik verwachtte, maar wel met een nobel doel: alleen doorspoelen na een grote boodschap en een scheut allesreiniger na iedere plas, tegen de stank. Waterbeheer op microniveau, zo bleek. Waarschijnlijk zou de jarige koning – met zijn warme interesse voor waterbeheer- zich hier als een vis in het water voelen.
Dát is de kern: duurzaamheid gaat niet alleen over goede bedoelingen, maar over systemen die duurzame keuzes mogelijk maken. En dat geldt niet alleen voor afval, water en energie, maar ook voor de manier waarop we leidinggeven. Want ook leiderschap staat of valt met duurzaamheid. Zonder de juiste systemen is het wachten op het moment wanneer de shit hits the fan, en de zaak ontploft.
In kleine gemeenschappen dragen mensen meerdere petten. De ambtenaar is ook bestuurslid. De politicus heeft een eigen zaak. De toezichthouder werkt samen met wie hij moet beoordelen. De slager keurt, vaak noodgedwongen, zijn eigen vlees. Checks and balances zijn moeilijk te organiseren, omdat mensen niet alleen professioneel, maar vaak ook persoonlijk met elkaar verbonden zijn. Men is familie, buren of afhankelijk van elkaar in een andere rol. Belangenverstrengeling ligt op de loer. Loyaliteit en gunfactor wegen daardoor soms zwaarder dan transparantie of tegenspraak, wat kan leiden tot een gebrek aan kritische reflectie en stagnatie in beleidsontwikkeling.
Het gevolg? Er is nauwelijks een buffer tussen persoon en proces. Hoe dingen lopen, hangt sterk af van wie op welke stoel zit, en of men je welgezind is. Wie zich kritisch opstelt, raakt snel uit de gunst. Voor je het weet vertrekt iemand, uit zelfbehoud, frustratie, omdat het te heet onder de voeten wordt, of omdat hij zelf niet meer past in de eilanddynamiek. Bij vertrek verdwijnt niet alleen hun inzet, maar ook hun kennis, netwerk en visie. En soms komt pas daarna boven tafel hoeveel op improvisatie dreef. Continuïteit is kwetsbaar, waardoor innovatie met argwaan wordt bekeken, door ervaringen in het verleden. Iedere keer als iemand vertrekt, gaat een stuk ervaring mee en moet het spreekwoordelijke wiel opnieuw uitgevonden worden.
In dat licht is het concept duurzaam leiderschap, zoals beschreven door Hargreaves en Fink (2004) hier extra relevant. Het draait niet alleen om de juiste persoon op het juiste moment, maar om het creëren van systemen die onafhankelijk zijn van individuele wisselingen. Leiderschap moet gericht zijn op toekomstbestendigheid. Het opzetten van processen die blijven draaien, ook als de gezichten veranderen, is essentieel. Duurzaam leiderschap zorgt ervoor dat kennis en verantwoordelijkheid gedeeld worden, en dat er ruimte is voor groei, zonder dat alles telkens opnieuw moet worden opgebouwd.
Duurzaamheid draait niet alleen om bevlogenheid, maar om systemen die het verschil kunnen dragen. Zonder checks and balances wordt zelfs integriteit kwetsbaar. En als het systeem faalt, lijdt niet alleen de leider, maar de hele organisatie en indirect de hele Sabaanse gemeenschap. Saba makes you or breaks you.
