Bonaire – Scholieren in Caribisch Nederland ouder dan 18 jaar moeten net als hun Europese Nederlandse leeftijdgenoten in aanmerking kunnen komen voor een bijdrage in het kader van de (inkomensafhankelijke) Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten, de WTOS. Een motie daartoe van eilandsraadslid Cyrill Vrolijk is unaniem aangenomen door de Eilandsraad van Bonaire.
Vrolijk heeft de vinger gelegd op een niet uit te leggen ongelijkheid die ontstaat op het moment dat de kinderbijslag eindigt. Dat gebeurt in beide landsdelen bij het bereiken van de 18-jarige leeftijd. In Europees Nederland kunnen leerlingen in het voortgezet onderwijs voor de periode daarna tot hun 30ste een bijdrage (bijvoorbeeld voor het aanschaffen van schoolboeken en ander lesmateriaal) krijgen van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, maar deze wettelijke regeling geldt niet voor inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Voor jongeren uit armere gezinnen – waarvan er op de eilanden relatief veel meer zijn dan op het vasteland – wordt daardoor de drempel een opleiding te (blijven) volgen hoog.
In zijn motie vraagt Vrolijk het Bestuurscollege er bij onderwijsminister Eppo Bruins op aan te dringen de regeling ook van toepassing te verklaren op de BES-eilanden. Dat zal geen gat slaan in de rijksbegroting: op Bonaire gaat het om slechts zo’n 80 jongeren die aan de voorwaarden van de WTOS voldoen.
De Eilandsraad heeft met eveneens unanieme stemmen gedeputeerde van Samenleving en Zorg Nina den Heyer groen licht gegeven om twee verordeningen uit te werken. Eén voor een regeling om het mogelijk te maken minima die niet rond kunnen komen extra financiële en immateriële ondersteuning te bieden en de ander om overmatig alcoholgebruik en vapen door jongeren terug te dringen.
