COLUMN – Bericht uit Sint Eustatius

In de zondagse estafette-rubriek ‘Bericht uit…’ belichten columnisten uit de Caribische delen van het Koninkrijk bij toerbeurt de kanten van hun eiland waarvan zij vinden dat die de aandacht van alle koninkrijksburgers verdienen. Vandaag komt het bericht uit Sint Eustatius.

Vip behandeling

Door Elaine Marchena

Misschien een rare tik, maar als ik aan de Twin Otters van Winair denk, dan ruik ik in gedachten pizza. Op weg van Sint Maarten naar Statia is er altijd wel iemand die met één of meer van die platte kartonnen dozen op schoot reist. Normaal zijn de piloten onverbiddelijk: alle losse voorwerpen onder een stoel en anders in het ruim. Maar voor deze geurige baksels maken ze een uitzondering. Waarschijnlijk omdat ze niet zwaar zijn: als het al door de lucht zou gaan vliegen, dan kom je hooguit onder de pizza te zitten. Niet zo héél erg, vooral niet als je met een hongerige maag terug naar huis vliegt.

Als je op Statia woont, is vliegen naar en van Sint Maarten vergelijkbaar met een busrit. Maar wel een dure. De prijs van een retourtje kan oplopen tot over de 300 dollar. Veel luxe krijg je hier niet voor. De passagiers zitten op elkaar gepropt in de propellervliegtuigjes met 19 zitplaatsen, geen bagagebakken en de ‘airco’ bestaat uit een kartonnen waaier met het opschrift ‘‘I am a Winair fan”. Bovendien is er geen competitie met andere luchtvaartmaatschappijen. Niet verwonderlijk dus dat veel Statianen een haat-liefderelatie hebben met deze maatschappij.

Een van de pijnpunten is het feit dat de verbinding tussen Statia en Saba via Sint Maarten loopt: op zijn ongunstigst enkele uren reistijd voor een traject dat rechtstreeks 10 minuten duurt. De ferry is niet altijd een optie. Een tijdje terug, toen ik na een dienstreis naar Saba weer terug moest, liet ik mijn bagage doorlabelen naar Statia. Helaas konden ze op dat moment geen instapkaart uitprinten voor het tweede stukje, van Sint. Maarten naar Statia.

Bij aankomst op Sint Maarten bleek dat hetzelfde toestel naar Statia zou vliegen, ik zag ook dat mijn koffer opnieuw werd ingeladen. Dat zat dus goed. Maar zelf moest ik nog langs de incheckbalie. Net in die periode werd er flink aan de luchthaventerminal geklust en de weg naar de vertrekhal leidde mij helemaal buitenom, langs allerlei bouwschuttingen waarachter krijsende apparaten hun werk deden. Eenmaal bij de incheckbalie kreeg ik te horen dat de vlucht naar Statia al vertrokken was…

Toch wat geïrriteerd legde ik uit dat ik buiten mijn schuld zo laat was en foeterde dat ik echt geen zin had in een gedwongen overnachting op Sint Maarten, zònder koffer. De grondstewardess belde direct met de gate. Na een minuut of 10 koortsachtig overleg kreeg ik de instructie om daar zo snel mogelijk naartoe te lopen. Weer tien minuten later werd ik over het platform naar het toestel begeleid. “Het vliegtuig is teruggekeerd om u op te halen”. Ik kon mijn oren niet geloven.

In het vliegtuig bevond zich een handjevol medepassagiers. Twee van hen keken wat nors naar die vervelende indringster die hun vlucht had verstoord. “I was already wondering who would come in”, zei een bekende medereiziger toen ik achter haar plaasnam. “Because that must be a very important person”. Waar had ik, als eenvoudig ambtenaartje, deze vipbehandeling aan te danken? Misschien omdat ik, vanwege mijn werk, een frequent flyer ben?

Een Winair employee die ik hierover sprak, had dit nog nooit meegemaakt. Hoe dan ook, het was heel fijn om die dag toch redelijk op tijd thuis te komen. Alle mopperpunten daargelaten: de Winair-piloten zijn zeer goed opgeleid en de Twin Otter staat, mèt zijn vintage-uiterlijk en Spartaanse interieur, mooi wereldwijd bekend om zijn betrouwbaarheid. Bij Winair stap je met een gerust hart aan boord en dat is toch het belangrijkste.

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.