Kamerlid Bruyning: Eerst hand in eigen boezem

Den Haag – Tweede Kamerlid Faith Bruyning (NSC) heeft het kabinet en haar collega-parlementariërs opgeroepen de hand in eigen boezem te steken alvorens kritiek te uiten op de Caribische delen van het Koninkrijk. Zij deed dat tijdens een zogeheten tweeminutendebat vandaag met staatssecretaris van Koninkrijksrelaties Zsolt Szabó.

“Vandaag wil ik stilstaan bij het belang van gelijkwaardigheid en autonomie binnen de verhouding van Curaçao, Aruba en Sint Maarten met Nederland. Dit belang raakt aan de kern van onze onderlinge relatie, die diepgeworteld is in onze gedeelde geschiedenis en toekomst. De CAS-landen koesteren hun autonomie en dat is terecht. Het zijn landen met een eigen identiteit en cultuur. Veel zaken zijn dan ook landsaangelegenheden. Toch kan Nederland gezien de historische banden en complexe verhoudingen niet voorbijgaan aan het feit dat het ook een rol speelt bij de uitdagingen die deze eilanden ervaren. Wij moeten dan ook erkennen dat historische contexten en wederzijdse verantwoordelijkheden een blijvende impact hebben.

Maar hoe balanceren we deze rol? Nederland moet waken over de delicate lijn tussen controle en wantrouwen. Het is cruciaal om te begrijpen dat waar het eerste kan leiden tot stabiliteit en samenwerking, het laatste kan resulteren in een verstoorde relatie en gebrek aan vertrouwen. Er bestaat vanuit Nederland de neiging om kritisch naar de eilanden te kijken. Toch zouden we er goed aan doen om eerst de hand in eigen boezem te steken. Zijn wij altijd de ideale partner geweest? Doen wij alles perfect? Voordat we snel oordelen, moeten we openstaan voor zelfreflectie en wederzijds begrip. Deze balans is niet eenvoudig, maar wel essentieel. Nederland kán ondersteuning bieden, maar zal moeten vermijden om als betweterig over te komen. Gelijkwaardigheid betekent dat we zowel luisteren als ondersteunen, zonder te domineren.

Het is ons gezamenlijk doel om te zorgen voor welvaart en welzijn in ons gehele Koninkrijk. Laten we daarom inzet tonen voor een oprechte en open dialoog waarbij we gelijkwaardigheid, respect voor autonomie en wederzijdse kennisdeling centraal stellen”, aldus Bruyning.

Staatssecretaris Szabó zei het eens te zijn met haar betoog: “De relatie dient gelijkwaardig en professioneel te zijn.”

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.