De derde prijs bij de essaywedstrijd voor deelnemers aan de minor Koninkrijkszaken van de Haagse Hogeschool is gewonnen door Fayme Francisco met een essay waarin ze aandacht vraagt voor een onderbelicht probleem in de Cariben.
Door Fayme Francisco
Kindermishandeling is volgens Viandrelica Narcisio, procesmanager van het Veiligheidshuis Curaçao, één van de grootste problemen op het eiland. “We krijgen op jaarbasis zo’n 120 gevallen. Zeventig procent van deze kinderen komt uit gezinnen waar mishandeling de boventoon voert. Daar valt niet alleen slaan met de riem onder, maar ook andere vormen van kindermishandeling, zoals psychische- en emotionele mishandeling.” (Caribisch Netwerk, 2022).
Deze cijfers zijn al zorgwekkend, maar ze laten slechts een fractie van de werkelijkheid zien. Veel gevallen blijven namelijk onder de radar omdat slachtoffers en omstanders vaak geen melding durven te maken, uit angst om als ‘slachtoffer’ te worden gezien of gewoon omdat het niet als mishandeling wordt gezien.
Persoonlijke reflectie
Als iemand die op Curaçao is opgegroeid, ben ik het gewend geraakt om ouders hun kinderen te zien slaan als straf voor ongehoorzaamheid of wanneer zij zich niet gerespecteerd genoeg voelen. En helaas ben ik niet de enige die dit kan zeggen. Hoe vaak hebben wij, als Curaçaoënaars, niet grappen gemaakt over het slaan van kinderen? Hoe vaak hebben we niet verhalen gehoord over hoe onze ouders of grootouders door hun eigen ouders werden geslagen als ze stout zijn geweest? Of over jonge meiden op Curaçao die slachtoffer zijn van ‘grooming’, vaak zonder dat hier voldoende aandacht of actie op volgt? Waarom is dit gedrag zo genormaliseerd op ons eiland? Deze vragen komen telkens weer in me op wanneer ik hoor over een nieuwe casus van kindermishandeling op Curaçao. Het blijft me verbazen hoe diepgeworteld dit probleem is in onze cultuur en hoe weinig er daadwerkelijk verandert.
De financiële uitdagingen waarmee de Stichting Kinderbescherming Curaçao (SKBC) kampt, zoals beschreven in een recent nieuwsartikel in het Antilliaans Dagblad, onderstrepen de kwetsbare positie van de kinderbeschermingsdiensten op het eiland. Vanaf januari 2004 voert SKBC de werkzaamheden van Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) uit, waar onderzoek en een nauwgezette registratie van alle aangemelde casussen van kindermishandeling, misbruik en verwaarlozing plaatsvindt. Het feit dat essentiële kerndiensten zoals het AMK niet langer officieel erkend worden binnen het meldingstraject en dat structurele financiering ontbreekt, benadrukt hoe ontoereikend de middelen zijn om zo’n belangrijk probleem aan te pakken. De stijging van het aantal meldingen van kindermishandeling (van 24 in 2021 naar 35 in 2023) illustreert bovendien dat het probleem blijft groeien, terwijl de capaciteit van organisaties als SKBC achterblijft.
Deze trieste situatie roept vragen bij me op over hoe de samenwerking binnen het Koninkrijk verbeterd kan worden. Hoewel Curaçao formeel verantwoordelijk is voor interne aangelegenheden zoals kinderbescherming, lijkt het toch dat de beschikbare middelen onvoldoende zijn om effectieve zorg te waarborgen.
Nederland wordt vaak gerepresenteerd als een land met sterke kinderrechten en veel middelen waardoor het juist belangrijk is om na te denken over de gezamenlijke verantwoordelijkheid binnen het Koninkrijk. Ook heeft Nederland vanuit de Verenigde Naties meerdere keren te horen gekregen dat er hier aandacht voor moet komen, vertelt hoogleraar kinderrechten Ton Liefaard. Nederland moet toch als onderdeel van het Koninkrijk en gezien de gedeelde geschiedenis met Curaçao een ondersteunende rol spelen?
Kindermishandeling is een onderbelicht probleem op Curaçao (1ste argument)
“Als je aan jongeren op Curaçao vraagt of ze vroeger thuis wel eens zijn geslagen, zal de meerderheid dit bevestigen.” Dat vertelt de 28-jarige Ruchendell Windster, beter bekend onder zijn artiestennaam Boechi. Windser is een rapper met een Curaçaose achtergrond. (Caribisch Netwerk, 2022)
Een onderbelicht probleem is een probleem dat, ondanks ernst en impact, niet de aandacht of middelen krijgt die nodig zijn om het effectief aan te pakken. Op Curaçao is kindermishandeling onderbelicht omdat het zo diepgeworteld is in de samenleving dat het zelfs als normaal kan worden beschouwd. Hoewel meldingen toenemen en de gevolgen ervan levenslang voelbaar zijn voor slachtoffers, blijft de aandacht ervoor beperkt.
Decennia van gedragswetenschappelijk onderzoek toont aan dat huiselijk en sociaal geweld deel uitmaken van een geïntegreerd geheel, nauw met elkaar verweven zijn en elkaar versterken. Sinds het geweld grotendeels wordt geleerd, komt de eerste gelegenheid om gewelddadig gedrag aan te leren van binnen het huishouden zelf, van de ouders, broers en zussen en andere rolmodellen (Buvinic, Morrison & Shifter, 1999).
Onderbelichtheid van kindermishandeling op Curaçao wordt versterkt door:
- Sociale factoren
Omdat kindermishandeling vaak een taboe is op het eiland, kan de gemeenschap aarzelen om signalen door te geven of hulp te zoeken. Dit komt ook doordat er verschillende interpretaties zijn van wat ‘kindermishandeling’ wel en niet is. Sommige ouders vinden het geen probleem om hun kinderen te slaan en zien het meer als een vorm van discipline.
Uit een onderzoek gedaan door Universiteit Leiden op de BES-eilanden blijkt dat huiselijk geweld in de vorm van verbale mishandeling zeer veel op de eilanden voorkomt. Fysieke mishandeling is minder gebruikelijk, maar nog altijd zorgelijk, vooral in partnerrelaties. Kindermishandeling in de vorm van verbale mishandeling of slaan wordt door veel mensen als normaal beschouwd. Kinderen slaan is een cultureel geaccepteerd onderdeel van disciplinering op de eilanden. De opvoeding is vaak streng, waarbij kinderen weinig ruimte of durf hebben om hun eigen mening te uiten. (Onderzoekers: Vaak Verbaal Geweld En Corrigerende Tik in Gezinnen Caribisch Nederland – Universiteit Leiden, 2024) toch zagen de onderzoekers ook duidelijke signalen dat de normen rond de opvoeding aan het veranderen zijn en dat er draagvlak ontstaat voor geweldloze opvoeding. Deze veranderingen blijven vaak toch beperkt door kleinere groepen en worden onvoldoende ondersteund door structurele maatregelen.
Hoewel dit onderzoek specifiek gericht is op de BES-eilanden, zijn de bevindingen ook van toepassing op Curaçao, waar vergelijkbare culturele normen rondom disciplinering en kindermishandeling bestaan.
2. Historische factoren
Overal op Curaçao merk je de gevolgen van de slavernij. Bijvoorbeeld het Papiamentu, de voertaal op Curaçao en de verschillende muziekgenres en instrumenten op het eiland die hun oorsprong hebben in Afrika.
De normalisatie van fysiek geweld in de opvoeding op Curaçao kan niet los worden gezien van het slavernijverleden, dat diepe sporen heeft achtergelaten in de huidige sociale structuren en culture normen van Curaçao. Zo te zien heeft het slavernijverleden nog steeds effect op de samenleving in de voormalige koloniën van Nederland.
De situatie van tot slaaf gemaakten op Curaçao, waarin zij als inferieur werden beschouwd en volledig onderworpen waren aan de macht van de shon (meester) (Canon van Curaçao, 2020), heeft diepgaande invloed gehad op latere sociale en opvoedingspraktijken. Tijdens de slavernij was fysiek geweld een normaal en geaccepteerd middel om gehoorzaamheid en onderdanigheid af te dwingen. Deze methoden van onderdrukking hebben niet alleen trauma veroorzaakt, maar ook een erfenis achtergelaten waarin geweld als een legitieme vorm van discipline werd gezien. Dit patroon van machtsuitoefening is door generaties heen overgedragen en deze normalisatie van fysiek en verbaal geweld zien we nog steeds terug in opvoedingsstijlen op Curaçao.
Dr. Joy DeGruy’s theorie over Post Traumatic Slave Syndrome (PTSS) laat zien hoe de trauma’s van slavernij doorwerken in generaties en bijdragen aan de normalisatie van geweld in zwarte gemeenschappen. (Post Traumatic Slave Syndrome | Dr. Joy DeGruy, n.d.). En hoewel haar onderzoek zich op de VS richt, zijn er duidelijke overeenkomsten met Curaçao, waar het slavernijverleden nog steeds invloed heeft op opvoedingspraktijken. Het idee dat straffen met geweld een legitiem middel is om discipline af t dwingen, vindt zijn wortels in de tijd waarin onderdrukking en geweld de norm waren.
Conclusie
Het Koninkrijk der Nederlanden moet meer dan alleen maar een politieke entiteit zijn; het moet een gemeenschap zijn waarin solidariteit, gelijkheid en gedeelde verantwoordelijkheid centraal staan. Als Nederland sterke kinderrechtenbescherming heeft, zou het logisch en rechtvaardig zijn dat dezelfde standaarden gelden voor alle delen van het Koninkrijk.
Hoewel kinderbescherming een interne aangelegenheid is van Curaçao betekent dit niet dat Nederland de ogen moet sluiten voor de uitdagingen waarmee andere delen van het Koninkrijk worden geconfronteerd. Door samenwerking en ondersteuning kan Nederland bijdragen aan een toekomst waarin alle kinderen binnen het Koninkrijk dezelfde rechten en kansen krijgen.
Uit het juryrapport: Kindermishandeling is een relatief veelvoorkomend verschijnsel op Curaçao en naar wordt aangenomen in het gehele Caribisch gebied. Daarmee snijdt Fayme een schrijnend en maatschappelijk zeer relevant thema aan waarop ook nog eens een taboe rust en daarom onderbelicht blijft. Fayme doet een oproep aan Nederland de eilanden actiever te ondersteunen met het bestrijden van kindermishandeling. Zij spreekt terecht van een gedeelde verantwoordelijkheid. Helaas kijkt Den Haag daarvoor tot nu toe weg, zoals op tal van andere terreinen.
