Hoe emotioneel gevoelig de taalkwestie in het Koninkrijk ligt, kwam nota bene in deze week van het feest van de vrede weer eens in al zijn lelijkheid aan de oppervlakte. Aanleiding was een onschuldige inzending voor de essaywedstrijd van de Haagse Hogeschool waarvoor de Arubaanse studente Leilani Werleman een welverdiende award ontving. Haar persoonlijke worsteling met de voors en tegens van het Papiaments als instructietaal in het onderwijs deed een al eeuwen aan de Universiteit van Aruba verbonden taaldeskundoloog in woede ontsteken. Op Linkedin – de minst rioolste van de sociale media – fakkelde hij de studente af.
Stoer hoor om als gearriveerd (bet)wetenschapper een tweedejaars studente vanwege haar mening publiekelijk onder uit de zak te geven. Waarmee deze gewezen Belg er blijk van geeft zich het Hollandse superioriteitsdenken eigen te hebben gemaakt. Hij schaart zich met zijn ‘analyse’ in de categorie koninkrijksprofessionals over wie Kadushi het vorige week nog had: witte mannen op leeftijd die pretenderen te weten wat goed is voor de Caribische delen van het Koninkrijk en zich kennelijk bedreigd voelen door een nieuwe, goedgebekte generatie die de HHS via de minor Koninkrijkszaken klaarstoomt.
De terechtwijzing kreeg bijval van een projectadviseuse van een Nederlandse goededoelenclub die verbinding als missie beweert te hebben. Als de geleerde dame daarop wordt aangesproken, stelt ze dat ze het heel erg eens is met de kritiek op het standpunt van Leilani en “graag de discussie aangaat op inhoud, maar ad hominem reacties niet vindt getuigen van inhoud.” Weinig consequent om dan wel te sympathiseren met hoe een studente “ad hominem” en plein public (jaja, ook Kadushi spreekt een woordje over de taalgrens) op een badinerend toontje de les wordt gelezen.
De beroepsverbindster sneert ook nog eventjes naar de HHS: “Het is treurig dat de begeleiding op de Hogeschool in Nederland blijkbaar te wensen overlaat.” Te arm van geest dus om te bedenken dat de werkstukken van studenten misschien wel door de docenten worden gebruikt als startpunt van een open, onbevooroordeelde uitwisseling van gedachten, ervaringen, meningen, argumenten, feiten en onderzoeksuitkomsten op basis waarvan de deelnemers alles meewegend tot een (eigen) oordeel kunnen komen… Een beetje zoals serieuze wetenschappers te werk gaan.
Gelijk (denken te) hebben, rechtvaardigt niet anderen verbaal neer te maaien, omdat zij er een al dan niet onwelgevallige mening op nahouden. Het is deze neokoloniale opvatting van veel makamba’s over discussievoeren en hun botte woordkeuze die er mede debet aan zijn dat er op de inhoud in de relatie tussen de Caribische delen van het Koninkrijk en Den Haag zo veel mis gaat. Te vaak wordt vanuit het moederland hooghartig het eigen gelijk opgelegd, zonder acht te slaan op de context.
Het is nog maar eens gezegd: Kadushi vindt lang niet al zijn mede-lagelanders fout. De meesten zijn op voorhand al onschuldig aangezien ze van de Caribische delen van het Koninkrijk niet meer weten dan dat ze zich er vakantievierend in hun eigen taal – nog wel – kunnen redden. En dan zijn er nog toppers zoals zorgheldin Michelle van Tongerloo die zich wonend en werkend op Statia openstelde voor een andere cultuur en eerlijk toegeeft dat dat niet vanzelf is gegaan (zie haar indrukwekkend relaas dat gisteren op deze site is gepubliceerd), maar het eiland dankbaar is verrijkt te zijn teruggekeerd.
Waar de één een voetstuk verdient, dondert een ander er vanaf. De om haar historisch bewustzijn geroemde minister-president van Barbados Mia Mottley meende Desi Bouterse’s aftocht uit het aardse bestaan aan te moeten grijpen hem als “vrijheidsstrijder” te bewieroken. De decembermoorden reduceerde ze tot iets waarmee je het wel of niet eens kunt zijn. Terwijl Mottley de ex-dictator/drugsbaas prees om zijn “krachtige persoonlijkheid” was Sheila Sitalsing in de Volkskrant heel wat accurater door de man die zijn land leeggeplunderd achterliet als een “wezel op de vlucht” te typeren, te laf om zijn straf als een kerel te nemen.
Dit is Kadushi’s 200ste column sinds hij op 28 februari 2021 zijn debuut maakte. Traditiegetrouw worden de ook dit jaar gepubliceerde columns weer in een gelimiteerde oplage gebundeld. Behoor je niet tot de intimi van Kadushi en ontvang je toch graag een exemplaar, schrijf dan in 1, 2,3 of meer zinnen op wat je van Kadushi’s stekeligheden vindt en mail dat naar info@dossierkoninkrijksrelaties.nl. De tien raakste inzendingen worden beloond met een gedrukt exemplaar van Kadushi’s Prikkeljaar 2024.
Kadushi is het buitenbeentje van DossierKoninkrijksrelaties.nl: een stekelige rubriek die soms wel eens ‘au’ kan doen.
