Het wankele kabinet Pisas is opnieuw gered en alweer door een zetelrover. Bij de vorige crisis schoten de éénpitters Michelangelo Martines (KEM) en Zita Jesus-Leito (PAR-afvallige) te hulp om de MFK-regering in het zadel te houden nadat coalitiegenoot PNP er in augustus de brui aan gaf. Geen twee weken later was het weer crisis: redder in nood Martines werd in de boeien geslagen op verdenking van drugshandel, maar dit keer houdt Corine Djaoen-Genaro (die bij het verlaten van de PNP-fractie haar zetel meenam) het kabinet in leven. Zij bleek gevoelig voor het gejammer van minister-president Pisas dat vervroegde verkiezingen ten koste zouden gaan van het carnaval en dat is nu eenmaal prioriteit één in het bestaan van veel Caribische politici.
De premier had wellicht nog een ander argument. In drie jaar regeren heeft zijn MFK weinig gepresteerd, althans voor de samenleving. Partijvrienden en familie zijn uiteraard wel ruimhartig bediend met dikbetaalde nepbanen en andere pastechis. Om toch een volgende regeertermijn veilig te stellen, moet er in campagnetijd ook buiten de eigen aanhang met lekkers worden gestrooid. Geen pepernoten, maar harde pegels. Zo kunnen ambtenaren en ‘gelijkgestelden’ (o.a. in het onderwijs) een bonus van 150 gulden tegemoet zien. Geld moet rollen en dat zal het op weg naar de stembusgang van 21 maart ongetwijfeld volop doen.
Martines heeft intussen zijn Statenzetel opgegeven, wat voor eilandelijke politici die onderwerp zijn van strafrechtelijk onderzoek, vervolgd worden of zelfs al zijn veroordeeld, geen gebruik is, dus hulde. Hij wordt opgevolgd door de nummer 2 van de partij: Anthony Godett. In diens vorige politieke leven leidde hij de FOL in 2003 naar verkiezingswinst, maar werd geen premier: hij was tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf veroordeeld voor het als gedeputeerde aannemen van smeergeld. Tijdens de rechtszaak vergeleek hij zichzelf met o.a. Martin Luther King, Nelson Mandela en Jezus Christus. Dankzij carnavalsliefhebster Djaoen-Genaro was er geen twijfel dat Godetts geloofsbrieven desondanks zouden worden aanvaard.
Op buureiland Aruba kreeg oud-minister Otmar Oduber een tegenvaller te verwerken. De rechtbank wees zijn verzoek af om het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk te verklaren. De nummer één van Partido Patriotico di Aruba staat terecht voor gesjoemel met overheidsterreinen onder de neus van premier Evelyn Wever-Croes. Dat hoeft overigens geen nadeel te zijn bij de verkiezingen van 6 december: zelfs zuchtend in de bak haalde de voor soortgelijke feiten veroordeelde Benny Sevinger voldoende voorkeursstemmen. Tot zo ver wat staatssecretaris van Koninkrijksrelaties Zsolt Szabó als een Caribisch cultuurdingetje zal zien.
De Nederlandse wetgeving maakt niet alleen een discriminerend onderscheid tussen inwoners van het Europese en het Caribische deel van het land, maar blijkt ook het Papiaments ongelijk te behandelen. Eerder kwam al aan het licht dat de Rijksvoorlichtingsdienst de troonrede wel in het Duits, Frans en Engels vertaalt, maar niet in de taal van ’s konings onderdanen op de Benedenwindse eilanden. Deze week kreeg Kadushi de tip dat bewindspersonen bij de beëdiging de eed of belofte naar keuze in het Nederlands of het Fries mogen afleggen. Dan zal het ook wel in het Papiaments mogen, tenslotte erkend als taal in Nederland. Maar nee, dat staat de wet niet toe.
Het draadje begint bij de ‘Wet beëdiging ministers en leden van de Staten-Generaal’ uit 1992. Hierin is vastgelegd dat dat ministers en staatssecretarissen de eed of belofte in het Nederlands afleggen. “Nederlands is de officiële taal in Nederland”, benadrukt De Directie Democratie en Bestuur van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Hoe zit het dan met minister Wiersma die op 2 juli ten overstaan van koning Willem-Alexander zei “Dat ferklearje en ûnthjit ik.”
Er blijkt ook nog een Wet gebruik Fries te bestaan die het sinds 2014 mogelijk maakt de eed en belofte in het Frysk af te leggen. Zo’n wet bestaat er niet voor het Papiamentu van Bonaire of het Engels van Statia en Saba. En daarom mag de eed en belofte niet in die talen worden uitgesproken, ook al is het Papiaments sinds 1 juli van dit jaar een (ook) in Europees Nederland officieel erkende taal. Zeg maar zoals Bonairianen (en Statianen en Sabanen) erkende ingezetenen van Nederland zijn, maar niet voor vol worden aangezien…
Tot slot: Een masha pabien voor Raymond Knops voor wie de koninkrijksrelaties een springplank voor een mooie carrière blijken. De oud-staatssecretaris is namelijk door boerenminister Wiersma benoemd tot mestverkenner. Gezien zijn ervaring met de eilanden een logische keuze. Daar is immers altijd wel ergens stront aan de knikker.
Kadushi is het buitenbeentje van DossierKoninkrijksrelaties.nl: een stekelige rubriek die soms wel eens ‘au’ kan doen.
