Bonaire

Zee rond Bonaire is één grote vieze smeerboel

Den Haag – De zee rond Bonaire is vergeven van plastic en de chemische vervuiling is van een “alarmerend niveau”. Dat schrijft minister van Infrastructuur en Waterstaat Barry Madlener vandaag aan de Tweede Kamer.

De bewindsman baseert zich op twee onderzoeken naar de vervuiling van de zee rondom Bonaire. In het water en op de stranden is 12 keer zo veel (plastic) afval gevonden als in Europees Nederland. De chemische vervuiling concentreert zich bij de landfill bij Lagun, voormalige BOPEC-terminal en de haven.

Uit de brief minister Madlener

In 2024 zijn twee onderzoeken verschenen over vervuiling van de zee rondom Bonaire. Hier worden de resultaten van deze onderzoeken samengevat.

In een onderzoek naar plasticvervuiling in de zee en op stranden van Bonaire, in opdracht van het Ministerie van IenW, is twaalf keer zo veel afval gevonden als in vergelijkbare onderzoeken in Europees Nederland. Op Bonaire worden bij tellingen gemiddeld 1.792 stuks zwerfafval per 100 meter strand gevonden. De hoeveelheid aangetroffen afval is bovendien toegenomen tussen 2018 en 2023. In de afgelopen jaren zijn al verschillende afvalbeheermaatregelen ingevoerd op Bonaire om te voorkomen dat afval vanaf land in de zee terecht komt. Daarnaast heeft het Openbaar Lichaam Bonaire educatieprogramma’s en publiekscampagnes opgezet om gedragsverandering te stimuleren.

Een ander onderzoek in opdracht van het ministerie van LVVN naar chemische vervuiling van de zee rond Bonaire beschrijft “alarmerende niveaus” van verontreinigende stoffen, waarvan bekend is dat ze schadelijk zijn voor de onderwaternatuur. De soort chemische vervuiling verschilt per locatie en wordt in verband gebracht met lokale industrieën zoals de olieterminal, de afvalstort bij Lagun en een haven. Op plekken verder weg van industriële activiteiten is nauwelijks chemische vervuiling gevonden.

De ILT heeft in mei en augustus 2024 de afvalstort bij Lagun geïnspecteerd. Het inspectieteam is van mening dat de situatie zorgwekkend, complex en urgent is. Er zijn ernstige tekortkomingen rondom vergunningverlening, toezicht en handhaving en er is sprake van risico’s voor het milieu (lucht, bodem, grondwater en brand) die wekelijks toenemen. Deze conclusies en aanbevelingen zijn op 21 oktober 2024 aan de waarnemend Rijksvertegenwoordiger aangeboden. De Kamer wordt over het vervolg n.a.v. deze conclusies en aanbevelingen geïnformeerd door de staatssecretaris van Openbaar vervoer en Milieu, die verantwoordelijk is voor afvalbeheer.

Het Natuur- en Milieubeleidsplan Caribisch Nederland bevat doelen om de zeewaterkwaliteit en het afvalbeheer in Caribisch Nederland te verbeteren. In dit kader werken het ministerie van IenW, verantwoordelijk voor waterkwaliteit van de zee, en het Openbaar Lichaam Bonaire samen aan een meetprogramma van het zeewater. Zo worden er zeewatermonsters genomen, wordt de kwaliteit van het grondwater gemeten, zijn er waterkwaliteitssensoren geplaats op een boei en aan stijgers en wordt aangespoeld zwerfvuil geteld. Op Saba en Sint Eustatius wordt een vergelijkbaar meetnet opgestart. Hierdoor wordt in de toekomst de waterkwaliteit en vervuiling van de zeeën in Caribisch Nederland beter in de gaten gehouden en komen de bronnen van vervuiling beter in beeld. Deze samenwerking tussen het ministerie van IenW en de openbare lichamen vormt de basis om waar nodig met elkaar in overleg te gaan over maatregelen om vervuiling terug te dringen.

Voortgang klimaatplannen Caribisch Nederland

Het kabinet heeft toegezegd de Kamer dit najaar te informeren over de voortgang van de klimaatplannen die door elk van de BES-eilanden worden opgesteld. In deze plannen zullen maatregelen benoemd worden om de weerbaarheid tegen de gevolgen van klimaatverandering te vergroten, zoals aangekondigd in de kabinetsreactie op het adviesrapport ‘Het is nooit te laat’. Voorop staat dat de klimaatplannen tot stand moeten komen dóór en vóór de inwoners van Bonaire, Saba en Sint Eustatius. In overleg met de eilanden is gebleken dat dit proces langer duurt dan verwacht, met name door het organiseren van genoeg lokale capaciteit om de klimaatplannen te ontwikkelen. Gegeven de vele uitdagingen waar de eilanden voor gesteld staan, heeft het kabinet hier begrip voor. Conform de toezegging uit de kabinetsreactie ondersteunen de ministeries van IenW, KGG en BZK de BES-eilanden bij de totstandkoming van de klimaatplannen met middelen, capaciteit en expertise. Hieronder vindt u welke stappen zijn gezet en hoe het kabinet dit proces verder ondersteunt.

Ieder eiland werkt toe naar een eigen klimaatplan dat past bij de lokale omstandigheden. Op Bonaire is gekozen voor het inrichten van een klimaattafel, waarin stakeholders onder leiding van een onafhankelijk voorzitter, de heer Reynolds Oleana, tot een gedragen akkoord en plan komen. De heer Oleana is na het overdragen van zijn verantwoordelijkheden als gezaghebber op 1 augustus jl. officieel begonnen en heeft een team tot zijn beschikking gekregen. Inmiddels heeft hij een plan van aanpak opgesteld om te komen tot een klimaatplan voor Bonaire. Dit plan ligt ter goedkeuring bij het Bestuurscollege van Bonaire waarna er zal worden gestart met de voorbereiding en uitvoering van de klimaattafelgesprekken. Hiermee wordt invulling gegeven aan de toezegging van staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Digitalisering aan het lid Kröger van 19 oktober 2023. Er wordt gestreefd naar een zo breed mogelijke actieve participatie van de gemeenschap. Dit vergt tijd, daarom zal het klimaatplan op zijn vroegst eind 2025 gereed zijn.

De Openbare Lichamen van Saba en Sint Eustatius werken ambtelijk aan een klimaatplan door het creëren van een kennisbasis, voeren van stakeholdergesprekken en het identificeren van prioriteiten. De afronding is nu voorzien rond midden 2025. Het uitgangspunt is dat alle drie de klimaatplannen bouwstenen vormen voor de herijkte Nationale klimaatadaptatiestrategie (NAS) die in 2026 verschijnt. Hierin komt een apart hoofdstuk over Caribisch Nederland.

Naast het beschikbaar stellen van capaciteit, ondersteunt het kabinet de eilanden ook met onderzoek en expertise. Zo is er een overzicht opgesteld van de verwachte effecten van klimaatverandering op de BES-eilanden voor tien maatschappelijke sectoren. Ook zijn er risicoprofielen opgesteld voor overstromingen op de BES-eilanden aan de hand van de inzichten uit de nieuwste KNMI-klimaatscenario’s. Verder worden de BES-eilanden ondersteund bij het uitvoeren van concrete klimaatadaptatiemaatregelen, zoals het herstellen van dammen op Bonaire en het opzetten van regenwateropvang op Saba. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met andere ministeries in het kader van het Natuur- en Milieubeleidsplan Caribisch Nederland.

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.