De fittie tussen Aruba’s minister-president Evelyn Wever-Croes en staatssecretaris van Koninkrijksrelaties Zsolt Szabó over de volgens hem wijdverbreide corruptie op de eilanden heeft een onverwachte wending genomen. Wilders mag dan zijn wensdroom Aruba, Curaçao en Sint Maarten het Koninkrijk uit te knikkeren bij zijn andere kroonjuwelen in de ijskast hebben geparkeerd, er blijven genoeg manieren over om de CAS-landen het leven zuur te maken. Bijvoorbeeld door de toegezegde bijdrage van 130 miljoen uit het Nationaal Groeifonds te schrappen. Of door zijn eerste PVV-staatssecretaris in de geschiedenis te instrueren de kuitenbijters van Transparency International op de eilanden af te sturen. Corruptie en vriendjespolitiek in de Cariben staan na milde D66-jaren weer even hoog op de Haagse agenda als ten tijde van zelfbenoemd corruptiejager Hero Brinkman.
Szabó veronderstelt dat het tot de ‘Caribische cultuur’ behoort dat ministers en ambtenaren van hoog tot laag zich laten omkopen en naasten (van familie tot partijgenoten) bevoordelen, zo liet hij zich vorige week in een Kamerdebat ontvallen. Waarmee zijn eerste aanvaring met de overzijde een feit was, want premier WC mepte onmiddellijk terug. “Kijk naar je eigen” doelde zij op een voorvalletje met PVV-kopstuk Marjolein Faber die het familie-inkomen vanuit de partijkas spekte en toch minister in het rechtsstatelijke kabinet Schoof is kunnen worden. Waarmee ze vast de aandacht wilde afleiden van de drie MEP-prominenten die een hoofdrol spelen bij – zoals hun partijleider het downplayed – “incidenten” waarbij belastinggeld in verkeerde steekzakken is verdwaald.
De minpres verweet de stas – overigens niet geheel ten onrechte – de ballen niet te hebben het tijdens zijn recente kennismakingsbezoek aan Oranjestad recht in haar smoel te zeggen dat hij – net als zijn baas – de eilanden één grote boevenbende vindt. Dat is niet erg heldhaftig, maar er kan ook sprake zijn van een beginnersfout waarin de bewindsman tijdens zijn debat met de Kamer grossierde. “Binnen een jaar ligt er een corruptie-nulmeting”, beloofde – of beter gezegd blufte – hij. Want inmiddels is duidelijk dat er voor Transparency bij gebrek aan geld en data weinig te nulmeten valt.
Kennelijk niet met de Kip caravan op de camping (het is deze week reces) was het ijverige Kamerlid Peter van Haasen (PVV) er als de vrije uitloopkippen bij om de spartelende drenkeling de helpende hand toe te steken. Hij postte dat Aruba’s first lady aan het “jij-bakken” is en wierp de vraag op “waar men bang voor is?” Dat had hij even goed aan zijn eigen staatssecretaris kunnen vragen. Die is immers in de slipstream van staatssecretaris Idsinga in opspraak omdat hij bij zijn verheffing tot bewindspersoon geen openheid heeft verschaft over de samenstelling van zijn aandelenportefeuille.
Dat wekt de indruk dat hij iets te verbergen heeft, dus stelde uitgerekend Transparency-directeur Lousewies van der Laan de vraag waar bewindspersonen (onder wie Szabó en alweer Faber) die geheimzinnig doen over hun belegde vermogen voor vrezen. Te gast bij Radio 1 wees ze op het belang dat zowel de Kamer als het kiezersvolk van alle bewindspersonen weten wat hun eigen belangen zijn: “Waar zit hun vermogen? Daarover transparant zijn, is een integriteitsnorm. Bij macht hoort controle op macht. Dat is democratie. Daarom dienen zij inzage te geven. Het is heel erg raar dat niet te doen.”
Door zijn geheimzinnigdoenerij weten we bijvoorbeeld niet of Szabó belangen heeft in een IT-bedrijf dat binnenkort een vette opdracht van BZK in de wacht sleept, omdat de bewindsman heel Caribisch Nederland wil digitaliseren. Of aandelen heeft in Cargill waarvan de zoutwinning op Bonaire gevaar loopt door de zeespiegelstijging. Als er plotseling Haagse subsidie komt voor de aanleg van een tropische versie van de Hondsbossche Zeewering aan de zuidkant van het eiland, zou je daar nog iets van kunnen gaan denken.
Van der Laan ziet geen enkele reden waarom een bewindspersoon niet laat zien van welke bedrijven hij of zij aandelen bezit. De betrokkenen beroepen zich op hun privacy. “Daar heeft het helemaal niets mee te maken. Het is een ambt, een publieke functie en daarvoor is de norm integriteit. Als je er niet open over wil zijn, is dat ook prima, maar dan moet je geen minister worden.” Dat advies heeft de door dubieuze belastingtrucs rijk geworden staatssecretaris Idsinga gisteren – als eerste (?) van het kwartet – ter harte genomen door het hazenpad te kiezen.
Szabó heeft nog niets van zich laten horen. Dat kan dus nog gezellig worden bij het vervolggesprek dat Lousewies van der Laan binnenkort met hem heeft over de opdracht de corruptie in de Caribische landen in kaart te brengen. Zou Transparency überhaupt wel willen werken voor een staatssecretaris die een broertje dood heeft aan de integriteitsnormen die de Kamer per motie heeft verankerd met de bedoeling het risico op belangenverstrengeling weg te nemen?
Tot zo ver over potten en ketels. Hoogste tijd om volledig te ontzorgen, want zo noemt de Rijksdienst Caribisch Nederland de koffiepauze. Zelfs het bakkie troost is ten prooi gevallen aan de ontmenselijking: de zo gewaardeerde koffiejuffrouw van weleer heeft het veld moeten ruimen voor een “koffievoorziening”, leest Kadushi in een “nationale aanbesteding” waarmee RCN “beoogt ervoor te zorgen dat medewerkers op alle kantoorlocaties volledig worden ontzorgd door full service operating” met onder meer “warme drankautomaten”. Persoonlijk denkt Kadushi dat medewerkers liever warme koffie of thee hebben dan warme automaten.
Kadushi is het buitenbeentje van DossierKoninkrijksrelaties.nl: een stekelige rubriek die soms wel eens ‘au’ kan doen.
