Den Haag – Tweede Kamerlid Peter van Haasen (PVV) vindt dat de miljoenen die het vorige kabinet heeft gereserveerd voor slavernijprojecten beter besteed kunnen worden aan het verlichten van de armoede in Caribisch Nederland.
“Er is nauwelijks financiële ruimte in deze begroting. Veel verplichtingen uit het verleden slokken het budget op, waaronder maar liefst 27,8 miljoen voor het slavernijverleden. Eén derde van de bevolking daar leeft onder de armoedegrens. Voor hen zou dat geld veel beter besteed kunnen worden. Deze mensen hebben meer behoefte aan brood op de plank dan aan culturele projecten over het slavernijverleden.”
Van Haasen zei het slavernijverleden (“een zwarte bladzijde uit de gezamenlijke geschiedenis”) niet te ontkennen. “Maar woke-termen zoals ‘slaafgemaakten’ worden zelfs daar niet serieus genomen. Ouders in het Caribisch deel van ons Koninkrijk willen vooral een betere toekomst voor hun kinderen, met goede gezondheidszorg, veiligheid en onderwijs. Ik vraag de staatssecretaris dan ook of het mogelijk is om de fondsen voor het slavernijverleden op een creatievere manier in te zetten, zodat de mensen er daadwerkelijk iets aan hebben.”
Inbreng Kamerlid Peter van Haasen (PVV)
De begroting van Koninkrijksrelaties en het BES-fonds voor 2025 is niet het meest opzienbarende onderdeel van de totale begroting. Het BES-fonds functioneert als een soort gemeentefonds voor de ‘speciale gemeenten’, zodat zij hun wettelijke taken kunnen uitvoeren. De regering wil in Caribisch Nederland waar mogelijk dezelfde regels hanteren als in Europees Nederland, met het principe ‘comply or explain’. Maar terwijl gemeenten in Europees Nederland de komende jaren zware bezuinigingen te verwerken krijgen, wordt deze lastenverzwaring niet opgelegd aan de openbare lichamen overzee.
Voor Caribisch Nederland is er dus geen sprake van een ‘zogenaamd ravijnjaar’, zonder dat dit een ‘comply’ or ‘explain’ vereist. Ondanks dat er geen bezuinigingen zijn, zijn er wél investeringen die nuttig zijn voor de eilanden, zoals de orkaanbestendige haven op Saba en initiatieven om de lokale productie van gezond en vers voedsel op alle zes de eilanden te intensiveren. Dit zal niet alleen leiden tot meer welvaart, maar ook tot een betaalbaardere en gezondere voedselvoorziening.
In tegenstelling tot wat we hier in Nederland vaak zien, zullen milieueisen de broodnodige investeringen in het wegennet op Bonaire niet tegenhouden. Gelukkig maar, want onnodige milieuregels zouden ook daar alleen maar voor vertraging zorgen.
Dan de CAS eilanden. Curaçao en Sint Maarten kregen na de staatkundige hervorming van 2010 hun schulden gesaneerd voor een gezonde start. Helaas is deze opzet teniet gedaan; vooral op Curaçao zijn de schulden alleen maar verder opgelopen. Dit kunnen we moeilijk een gezonde ontwikkeling noemen.
Veel langlopende bulletleningen hoeven pas aan het einde van hun looptijd te worden afgelost, en als dat moment komt, worden die leningen simpelweg geherfinancierd en omgezet in nieuwe, nóg langer lopende leningen. Hoewel er verzachtende omstandigheden zijn, zoals de economische gevolgen van de coronapandemie, kan er door de huidige geopolitieke onzekerheid een volgende economische crisis op de loer liggen. Wat nog meer schuldenstapeling met zich mee kan brengen.
Volgens artikel 36 van het Statuut moeten we elkander hulp verlenen, maar dat betekent ook dat we elkander moeten beschermen tegen een onhoudbare schuldenlast.
Er is nauwelijks financiële ruimte in deze begroting. Veel verplichtingen uit het verleden slokken het budget op, waaronder maar liefst 27,8 miljoen voor het slavernijverleden. Op een totaal van 263,4 miljoen is dat een aanzienlijk bedrag. En laten we wel wezen: één derde van de bevolking daar leeft onder de armoedegrens. Voor hen zou dat geld veel beter besteed kunnen worden. Deze mensen hebben meer behoefte aan brood op de plank dan aan culturele projecten over het slavernijverleden.
Wij ontkennen het slavernijverleden echt niet; het is een zwarte bladzijde uit de gezamenlijke geschiedenis. Maar woke-termen zoals ‘slaafgemaakten’ worden zelfs daar niet serieus genomen.
Ouders in het Caribisch deel van ons Koninkrijk willen vooral een betere toekomst voor hun kinderen, met goede gezondheidszorg, veiligheid en onderwijs.
Ik vraag de staatssecretaris dan ook of het mogelijk is om de fondsen voor het slavernijverleden op een creatievere manier in te zetten, zodat de mensen er daadwerkelijk iets aan hebben. Onze commissie bezocht dit voorjaar een school op Sint Maarten, waar de sporthal in zo’n staat verkeerde dat zelfs een blind paard er geen schade zou kunnen aanrichten. Om maar een voorbeeld te noemen.
Tot slot voorzitter, de PVV is diep verontrust over de aanhoudende berichten van corruptie en misstanden onder bestuurders op de eilanden. Het is absoluut onacceptabel dat zelfs Ministers en Statenleden zich schuldig maken aan omkoping, fraude en manipulatie van verkiezingen. Dit ondermijnt niet alleen de rechtsstaat, maar ook het vertrouwen van de bevolking in hun eigen bestuur. Voor de PVV is het van essentieel belang dat er niet alleen wordt geïnvesteerd in de rechtsstaat, maar dat er ook keihard wordt opgetreden tegen corrupte bestuurders.
Corruptie mag nooit worden afgedaan als onderdeel van de “Caribische cultuur” – dat is totaal onaanvaardbaar. Het is niet alleen noodzakelijk om het vertrouwen in het bestuur te herstellen, maar ook cruciaal voor de maatschappelijke stabiliteit en rechtvaardigheid op de eilanden.
