Den Haag – De Inspectie Leefomgeving en Transport en Rijkswaterstaat spannen samen met de curator van de failliete olieterminal van BOPEC op Bonaire. Dat beweert althans de directie van Alphaville Holdings Limited. Het op de Seychellen gevestigde bedrijf zegt schade te lijden en sleept daarom de Staat der Nederlanden voor de rechter.
Alphaville stelt dat de ILT door de regels te handhaven het onmogelijk heeft gemaakt in de op Bonaire opgeslagen olie af te voeren. Het bedrijf wordt daardoor “onnodig op kosten gejaagd” omdat de curator van BOPEC maandelijks een rekening stuurt voor het in opslag houden van de olie. Inzet van de rechtszaak die bij de rechtbank in Den Haag is aangespannen, is een forse schadevergoeding.
In december is de ILT telefonisch benaderd door iemand van wie werd vermoed dat hij namens Alphaville optrad. De beller wilde weten waarom de ILT het niet toelaat de olie weg te halen en wat er voor nodig is om dat alsnog te mogen. “De ILT heeft daarop feitelijke informatie verschaft. Overigens maakte de beller zich niet bekend als vertegenwoordiger van Alphaville en werd dit gesprek zonder dit te melden en dus ook zonder toestemming van ILT opgenomen”, aldus de woordvoerder van de inspectie.
“De verwijten zijn niet in overeenstemming met de feiten. ILT en Rijkswaterstaat zijn toezichthouder op BOPEC en controleren of het bedrijf zich aan de vergunningvoorschriften houdt. Als dat het geval is, kunnen de bedrijfsonderdelen zoals de tanks, leidingen en steiger die voldoen aan de voorschriften worden gebruikt. De bedrijfsonderdelen die niet voldoen aan de voorschriften kunnen niet worden gebruikt.”
“Omdat de curator probeert de stookolie zo snel mogelijk te verkopen en omdat daarmee ook milieurisico’s worden weggenomen, is het doel van de curator en de toezichthouder in dit geval hetzelfde. Daarom vindt er regelmatig contact plaats tussen curator en toezichthouders, zowel over de gezamenlijke inspecties die worden uitgevoerd door ILT/Rijkswaterstaat/Arbeidsinspectie en Brandweer en over de voortgang van het herstel van de bedrijfsonderdelen die niet voldoen aan de voorschriften van de vergunningen”, aldus de ILT.
Alphaville heeft vaker rechtszaken tegen de curator van BOPEC gevoerd, maar heeft er niet één gewonnen. Het Rotterdamse advocatenkantoor dat Alphaville in de rechtszaak tegen de Staat der Nederlanden vertegenwoordigt, laat vragen van DossierKoninkrijksrelaties onbeantwoord.
