Steeds scherper beginnen zich de contouren af te tekenen van een nieuwe werkelijkheid in het Koninkrijk: een moederland met een regering waarin de extreemrechtse PVV de dienst uitmaakt, daarbij gefaciliteerd door de iets minder rechtse slippendragers VVD en NSC plus het marketingbureau van de agromaffia BBB.
Dinsdag stemde de Eerste Kamer de wet weg die discriminatie op de arbeidsmarkt had moeten tegengaan. Werkgevers kunnen daardoor ongestraft doorgaan sollicitanten al bij de briefselectie af te wijzen op grond van hun ‘buitenlandse’ naam, een lot dat ook Caribische Nederlanders regelmatig treft. In de Tweede Kamer werd het wetsvoorstel vorig jaar met een ruime meerderheid van 115 stemmen voor aangenomen. Alleen de PVV, juist overtuigd voorstander van discriminatie en uitsluiting van alles wat niet volbloed ‘Hollands’ is, stemde met nog wat andere rechtse kruimels tegen.
Bij de stemming in de Eerste Kamer knielden de VVD en BBB voor hun beoogd coalitiebaas door nu opeens tegen te zijn waardoor het wetsvoorstel met de krapst mogelijke meerderheid (38 van de 75 zetels) werd afgeserveerd. Het is geen bedrijfsongeluk: alleen al de afgelopen weken ging niet de beloofde streep door de exorbitante verhoging van de rente op studieleningen en werd het fonds bevroren dat de innovatiekracht van het achterop rakende bedrijfsleven moet vergroten.
Zo werpt de formatie haar inktzwarte schaduw vooruit. VVD en NSC spelen alsof ze met tegenzin met een veroordeelde haatzaaier aan de onderhandelingstafel zitten, maar aan de rechterzijde van het politieke spectrum wegen ego’s nu eenmaal zwaarder dan principes. Het wegstemmen van de antidiscriminatiewet is slechts een voorbode van het nieuwe Nederland waarmee naar moet worden gevreesd ook de Caribische delen van het Koninkrijk te maken gaan krijgen.
