Minister Adriaansens.

Fotograaf: Martijn Beekman

Digitale infrastructuur Caribisch Nederland kan beter

Den Haag – Minister Adriaansens (EZK) heeft vandaag een rapport van Economisch Bureau Amsterdam over de digitale infrastructuur in Caribisch Nederland naar de Tweede Kamer gestuurd. Belangrijkste conclusie: er is de afgelopen jaar veel verbeterd, maar de snelheid van het internet is laag en de kosten zijn hoog.

“Ik vind het belangrijk dat we ook specifiek aandacht besteden aan de situatie in Caribisch Nederland. Deze wijkt in veel opzichten af van de situatie in Europees Nederland, met name door de geografische ligging en de kleine schaal. Dit zorgt voor hogere kosten. In de afgelopen jaren hebben we met structurele subsidies de betaalbaarheid van vast internet verbeterd. Ook zien we dat met name op Saba en Sint Eustatius de kwaliteit, ondanks alle stappen die gezet zijn, nog niet op een voldoende niveau is. De snelheid van het internet is relatief laag”, aldus de minister.

“De aanleg van glasvezel levert een belangrijke bijdrage aan het verbeteren van de kwaliteit. We houden daarnaast ook oog voor nieuwe ontwikkelingen zoals internet via satellietnetwerken. We willen samen met het eilandbestuur en de lokale bedrijven onder meer werk gaan maken van glasvezeluitrol. We hebben voor 2024 een bedrag van 3 miljoen euro vrijgemaakt om hier mee aan de slag te gaan”, belooft Adriaansens.

Samenvattting rapport digitale infrastructuur Caribisch Nederland

De digitale infrastructuur in Caribisch Nederland is sinds 2010 verbeterd, maar er blijven uitdagingen

Sinds Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Caribisch Nederland) in 2010 als openbare lichamen onderdeel werden van het Nederlandse staatsbestel, is de digitale infrastructuur verbeterd. Er zijn echter nog uitdagingen die in belangrijke mate samenhangen met de bijzondere fysieke omstandigheden van de drie openbare lichamen. Dit zijn hoofdzakelijk de beperkte schaal en de complexe geografische en topografische omstandigheden.

Economisch Bureau Amsterdam brengt met dit rapport de actuele staat van de digitale infrastructuur op Bonaire, Sint Eustatius en Saba in kaart. Daarbij staan de publieke belangen van kwaliteit, betrouwbaarheid, toegankelijkheid en betaalbaarheid centraal. Met deskresearch en interviews is de feitelijke situatie op Bonaire, Sint Eustatius en Saba in kaart gebracht. De ervaringen van gebruikers met telecomdiensten zijn daarnaast onderzocht door middel van interviews en een webenquête. Een samenvattend overzicht is opgenomen in de tabel aan het einde van deze samenvatting.

Van de vaste diensten is zowel de feitelijke als ervaren kwaliteit het hoogste op Bonaire en het laagst op Saba

De maximale aangeboden internetsnelheden voor huishoudens verschillen per eiland sterk, maar zijn overal lager dan in Europees Nederland. Op Saba zijn de maximale snelheden het laagst, gevolgd door Sint Eustatius. De snelheden op Bonaire zijn het hoogst van Caribisch Nederland. Er is een subsidie die de kosten van internet voor eindgebruikers verlaagt. Desondanks blijven de kosten op Saba en Sint Eustatius, en in mindere mate Bonaire, hoog ten opzichte van Europees Nederland. Daarnaast rekenen de meeste aanbieders eenmalige kosten om op hun netwerk aan te sluiten.

Er zijn wisselende ervaringen met de kwaliteit van vaste diensten. Op alle eilanden zijn de ondervraagde gebruikers ontevreden over de prijskwaliteitverhouding. Op Saba is men het minst tevreden met de zowel de snelheid als de betrouwbaarheid van de verbinding. Met betrekking tot prijs en snelheid van vast internet komen deze ervaringen overeen met de feitelijke situatie: de aangeboden internetsnelheden zijn op Saba het laagst, en de prijzen zijn hoger dan op Sint Eustatius, die weer hoger zijn dan die op Bonaire.

Op Bonaire is men het meest tevreden en ook dit strookt met het aanbod: de prijzen zijn op Bonaire lager dan op Saba en Sint Eustatius, en de aangeboden snelheden zijn hoger.

Het is niet eenvoudig om ervaringen met het internet te koppelen aan de digitale infrastructuur. De zeekabels of straalverbindingen, de eilandelijke digitale infrastructuur, het netwerk thuis, de gebruikte apparaten en de gebruikte applicaties kunnen allemaal bijdragen aan de ervaring van een snelle of langzame internetverbinding.

Knelpunten in de kosten zijn hoge investeringskosten, beperkte terugverdiencapaciteit en hoge IP-transitkosten. De afstand naar de internet exchanges in Noord-Amerika en het gebrek aan concurrentie op het zeekabelnetwerk in de regio dragen bij aan de hoge IP-transitkosten.

Op Saba is internet alleen in combinatie met vaste telefonie beschikbaar; vaste te-levisie is niet beschikbaar via een lokale televisie-aanbieder. Op Bonaire is er een aanbieder (Flamingo TV) die een analoog tv-signaal via het coax-netwerk aanbiedt. Verder bieden Eutel (Sint Eustatius) en Telbo (Bonaire) ook IPTV aan.

Telecomaanbieders investeren in het verbeteren van de vaste netwerken

Op alle eilanden werken aanbieders van vaste diensten aan verglazing van het net-werk, waarmee hogere internetsnelheden worden aangeboden dan via de bestaande koper- en coaxnetwerken. De ruggengraten van de netwerken bestaan bij alle aan-bieders en op alle drie de eilanden al uit glasvezel, maar de verbindingen naar

huishoudens gaan voor een belangrijk deel nog via koper of coax. Momenteel heeft Bonaire de hoogste glasvezeldekking, gevolgd door Sint Eustatius. Op Saba zijn huishoudens nog niet aangesloten op het glasvezelnet. Knelpunten hierbij zijn de hoge kosten vanwege de topografie en geografie op de eilanden. Bovendien kunnen investeringen slechts via een relatief klein aantal afnemers worden terugverdiend.

Ook van mobiele diensten is zowel de feitelijke als ervaren kwaliteit het hoogste op Bonaire en het laagst op Saba

De gebruikers die hebben meegewerkt aan het onderzoek, hebben wisselende erva-ringen met de kwaliteit van mobiele diensten. Op Saba is men het minst tevreden. Het mobiele internet wordt op Saba als langzaam ervaren en onder de gebruikers bestaat het beeld dat de dekking niet goed is. Op het hoofdwegennet is de dekking volgens metingen van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur (RDI) wel goed. Uit de drive tests van de RDI blijkt dat de twee mobiele providers op het eiland voldoen aan de concessievoorwaarde van 95 procent dekking op het hoofdwegennet. De prijskwaliteitverhouding wordt door respondenten niet als goed beoordeeld. Ook op Sint Eustatius beoordelen de respondenten de prijs-kwaliteitverhouding als niet goed.

Met betrekking tot de prijs en snelheid van mobiel internet zijn de ervaringen van de Sabaanse gebruikers te rijmen met de feitelijke situatie: op Saba heeft een deel van de gebruikers nu (nog) slechts een 2G-verbinding. De prijzen voor mobiele telefonie zijn bovendien hoger dan op Bonaire, alhoewel de verschillen niet zo groot zijn als bij vast internet. Op alle drie de eilanden zijn de kosten hoog ten opzichte van Europees Nederland. Roaming in Europees Nederland is bij de meeste aanbieders duurder dan roaming in de regio. Ook andersom is roaming met een Europees-Nederlands abonnement in Caribisch Nederland duurder dan roaming binnen Europa.

Op Bonaire is men het meest tevreden over de kwaliteit van de mobiele diensten. Dit strookt met het feitelijke aanbod: de prijzen zijn op Bonaire lager dan op Saba en Sint Eustatius, en er kan bij drie verschillende aanbieders 4G worden afgenomen. Op Sint Eustatius heeft een deel van de gebruikers alleen nog toegang tot 3G.

Het ontbreken van nummerportabiliteit vormt een belemmering om over te stappen van mobiele aanbieder.

Telecomaanbieders investeren in het verbeteren van de mobiele netwerken

Ook in het mobiele netwerk wordt geïnvesteerd. Op alle drie de eilanden is er inmid-dels tenminste één aanbieder met een netwerk dat (onder andere) gebruikmaakt van 4G. Een recente ontwikkeling is dat dit netwerk ook wordt ingezet om huishou-dens te voorzien van vast internet van beperkte snelheden, via de zogenaamde fixed wireless access.

De prijs-kwaliteitverhouding verbetert, maar wordt nog steeds als onvoldoende ervaren

De kosten voor mobiele telefonie en internet zijn in de afgelopen jaren op alle eilanden ongeveer gelijk gebleven. Tegelijkertijd zijn de internetsnelheden van vast internet en de grootte van de databundels voor mobiel internet wel toegenomen. Feitelijk is de prijskwaliteitverhouding daarmee verbeterd in de afgelopen jaren. Over de ontwikkeling van de prijskwaliteitverhouding zijn de ondervraagde gebruikers echter niet positief.

Bijna al het dataverkeer van en naar de eilanden gaat via zeekabels, maar satelliet is mogelijk op komst

In de afgelopen jaren is het belang van straalverbindingen tussen eilanden afgenomen en gaat bijna al het internationale verkeer via zeekabels. Saba en Sint Eustatius zijn met één zeekabelstelsel verbonden met de regio: de SSCS-zeekabel verbindt Saba en Sint Eustatius in het noorden met Sint Maarten en Saint Barthélemy en in het zuiden met Saint Kitts en Nevis. Bonaire is via twee verschillende zeekabels met Curaçao verbonden.

Met internet via de satelliet is er een technologie op komst die op termijn zou kunnen gaan concurreren met de zeekabel en bestaande vaste netwerken. De ontwikkelingen zijn echter nog onzeker. Als het inderdaad aangeboden zal worden in Caribisch Nederland tegen aantrekkelijke prijzen en met voldoende aanbod, kan het de markt en de telecommunicatie beïnvloeden.

Het belang van internet neemt toe ten koste van traditionele spraak- en televisiediensten

Traditionele telefonie- en televisiediensten worden steeds vaker vervangen door vergelijkbare diensten die over het internet worden aangeboden, de zogenaamde over-the-top-diensten (OTT). Door het gebruik van OTT-diensten ondervinden telecomaanbieders concurrentie op hun traditionele diensten. Het is gebruikelijk om via bijvoorbeeld WhatsApp te bellen en berichten te sturen, of via online diensten televisie te streamen. Uit de enquête die onder gebruikers in Caribisch Nederland is afgenomen blijkt dat er veelvuldig wordt gebeld via apps. Een deel van de respondenten verkiest bovendien het aanbod van programma’s, films en video’s via streamingdiensten en sociale media boven een vaste televisieaansluiting.

Door OTT-diensten neemt het belang van internet toe ten koste van traditionele spraak- en televisiediensten. Sinds 2020 is internet in de telecomwetgeving ook een opgedragen dienst (een dienst die concessiehouders verplicht moeten verzorgen en iedereen tegen vergoeding ter beschikking moeten stellen). In de praktijk boden telecomaanbieders al internetdiensten aan. De wettelijke verplichting maakt echter toezicht mogelijk op de voorschriften in de concessie met betrekking tot bijvoorbeeld de tarieven van gegevenstransport.

Klik HIER om het gehele rapport te downloaden

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.