Bonaire

COLUMN – Komkommertijd

Het heet komkommertijd te zijn, maar ook al ligt de halve wereld te verschroeien op een ligbedje in een oververhit vakantieland, nieuwsluw is ons Koninkrijkje allerminst. Zo houdt de roemloze afgang van Rutte IV de gemoederen flink bezig. Het is in demissionaire staat not done over het eigen graf heen te regeren, dus gaan er tot ver in 2024 geen GROTE besluiten vallen. En zitten ze daarom op de eilanden in hun piepzak: hoe moet het nu met de op 10 oktober aflopende coronaleningen van Curaçao, Aruba en Sint Maarten? Verdwijnt de invoering van het sociaal minimum op Bonaire, Sint Eustatius en Saba weer verder achter de einder? En kijkend naar de verkiezingen: dwaalt het op hol geslagen stemvolk nog meer naar rechts of slaat het linksaf? Oftewel: gaat het nog harder vriezen of treedt de dooi in?

Als het aan de Curaçaose minister Charles Cooper ligt, keert de huidige staatssecretaris van Koninkrijksrelaties terug, zo liet hij op Facebook weten. Met zulke vrienden heb je geen vijanden nodig. De in het klasje van maffia-adept Schotte bijgeschoolde Cooper kreeg immers vanwege duistere akkefietjes door de Veiligheidsdienst het stempel ‘niet-ministeriabel’ opgeplakt. Wie van hem beslist niet mag terugkeren, is André Bosman die zich een paar dagen lang opwierp als kandidaat-opvolger van Rutte. Begrijpelijk, want het oud-Kamerlid behoort tot de laatste generatie Haagse politici die zich niet in de luren liet leggen door in mooipraterij bedreven Caribische bestuurders.

Coopers baas, minister-president Gilmar – “Zeg maar Pik” – Pisas, deed ook van zich spreken. In reactie op het pleidooi van Statenlid Gwendell Mercelina de controlerende rol van het parlement serieuzer te nemen, las de premier hem de les dat de Staten het niet moeten wagen op het pluche van de regering plaats te nemen. Wat achter gesloten deuren met de staatssecretaris van Koninkrijksrelaties wordt bekokstoofd, gaat de Staten nadaniks aan, luidde de boodschap. Niet verrassend voor wie zich herinnert dat Pisas als roerganger van een interim-kabinet in 2017 door de Kroon moest worden teruggefloten omdat hij reeds uitgeschreven verkiezingen dacht te kunnen annuleren.

Op Bonaire was er eveneens gedoe over de controlerende taak van de volksvertegenwoordiging. Oppositieleider Clark Abraham, die zijn rol als pain in the ass van de coalitie gepassioneerd vertolkt, raakte het Bestuurscollege midscheeps met het verwijt dat de Eilandsraad belangrijke documenten wordt onthouden. Ook had hij ontdekt dat er dit jaar op de website van het openbaar lichaam nog geen enkel besluit is gepubliceerd waardoor het publiek geen flauw benul heeft wat het eilandbestuur uitvreet. Even kwam de gedachte op dat er misschien wel niets valt te communiceren omdat de gedeputeerden een voorbeeld nemen aan ministers als Schouten (sociaal minimum) en Harbers (betaalbare vliegverbindingen) dat regeren vooruitschuiven is.

Ophef was er deze week over de veroordeling van het land Sint Maarten tot betaling van 1 miljoen aan het bedrijf BearingPoint als voorschot op een schadeloosstelling van ruim 10 miljoen omdat de regering de reeds (door voorgangers) gegunde opdracht de belastingdienst te automatiseren introk. De nieuwe machthebbers voelden er kennelijk niet voor het opleggen van aanslagen transparant en dus controleerbaar te maken. Dan valt er immers door de politiek niet meer te sturen wie wel en niet hoeft bij te dragen aan ’s lands inkomsten.

Inmiddels heeft de regering in Philipsburg onder zware druk van Den Haag (in ruil voor liquiditeitssteun) besloten de professionalisering van de belastingdienst alsnog ter hand te nemen. Daarmee vervalt de schadeclaim van BearingPoint, zou je denken. Maar het land heeft een nieuwe aanbesteding uitgeschreven die zo is geformuleerd dat het op voorhand zeker lijkt dat de opdracht naar een automatiseringsbedrijfje aan de Franse kant van het eiland gaat. Conclusie: het kabinet Jacobs kiest er aan het staartje van zijn regeertermijn welbewust voor twee keer te betalen voor het één keer automatiseren van de belastingdienst. Overigens draaien de overzeese rijksgenoten er voor op: Nederland draagt 9 miljoen dollar bij aan een eerlijk functionerend belastingstelsel.

Nu we het toch over geldzaken hebben. De spanning rond de herfinanciering van de coronaleningen loopt op. Curaçao, Aruba en Sint Maarten staan er financieel beroerd voor. Dat was al ver voor de Covid-crisis het geval, die heeft hooguit aan het licht gebracht hoe onverantwoord er door achtereenvolgende regeringen met de centen van de belastingbetalers (plus de donaties uit Den Haag) is omgesprongen. De zogenaamd autonome landen zouden zonder de geldtiet van het stiefmoederland al lang en breed bankroet zijn verklaard en voor een prikkie zijn ingepikt door China.

Je zou denken dat de Caribische bestuurders een keer hun lesje hebben geleerd. Niets is minder waar: alle drie de landen staan op het punt tientallen miljoenen over de balk te smijten. Door een optelsom van de drie O’s (Onvermogen, Onkunde en Onwil) dreigen zij over de coronaleningen (1,1 miljard euro) veel meer rente te moeten ophoesten dan nodig is. Nederland is bereid de rente te beperken tot 2 à 3 procent als Curaçao en Sint Maarten urgentie toekennen aan de lege pensioenkas van Ennia en het kabinet Wever-Croes zijn verzet staakt tegen de Rijkswet Aruba financieel toezicht. Anders moet er een marktconforme rente worden betaald, ergens tussen de 6 en 8%.

In de wetenschap dat ze tot nu toe in de onderhandelingen met Nederland telkens hun zin hebben gekregen, spelen de landen hoog spel. Hoewel er nog maar een paar weken resten voor een akkoord, maken ze zich totaal niet sappel. De staatssecretaris daarentegen begint steeds nerveuzer te worden. Zodanig zelfs dat het anders zo opgeruimde oogappeltje van minister Cooper een Wiersmaatje deed. In een brief schoot ze uit haar pumps door premier Jacobs in kapitalen (wat in de digitale wereld gelijk staat aan SCHREEUWEN) in te peperen dat Ennia-gate een GROOT risico is.

Veel indruk zal het niet maken. Demissionair of niet, de stas zal ook dit keer weer door de knikkende knietjes gaan. Van een hogere rente liggen ze op de eilanden echt niet wakker, want dat betekent dat er minder budget overblijft voor door Nederland voorgeschreven hervormingen die zij niet willen. En het in acuut gevaar verkerende pensioen van zo’n 30.000 polishouders? Daarvoor ligt de cheque van minimaal 700 miljoen gulden vast al klaar in Den Haag.

Kadushi is het buitenbeentje van DossierKoninkrijksrelaties.nl: een stekelige rubriek die soms wel eens ‘au’ kan doen.

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.