COLUMN – Theater van de Traan

Oh, oh wat deden ze blij! De ministers-presidenten Pisas, Wever-Croes, Jacobs en staatssecretaris Van Huffelen. Het ten overstaan van Nederlandse (dus echte) journalisten opgevoerde sprookje dat de ‘Onderlinge Regelingen’ een keerpunt in de Koninkrijksverhoudingen zijn, was geslaagd. De door de premiers meegetroonde slippendragers onder wie hun gevmins beloonden de acteurs nog net niet met een staande ovatie. De plankenridders zelf vielen elkaar tussen de coulissen opgelucht in de armen. Het ontbrak er nog maar aan dat de (voor haar doen opvallend ingetogen geklede) stas en Pik hun zinnenprikkelende dansje overdeden.

(Foto: Caribisch Netwerk)

Het feestgedruis was nog niet verstomd of de naar hun redactie gesnelde recensenten hielpen het publiek uit de droom: Nederland deelt 120 miljoen uit aan regeringen die ongeëvenaard bedreven zijn in het niet nakomen van afspraken. Geld waarvan je bovendien op je klompen aanvoelt dat het niet terechtkomt op plekken waar de gewone Curaçaoënaars, Arubanen en Sint Maartenaren – van wie velen afhankelijk zijn van de voedselbank – er iets aan hebben.

Gelijkwaardigheid, eigenaarschap en gemeenschappelijkheid vormen het fundament onder het nieuwe Koninkrijk van Vertrouwen, werd de goegemeente in een als persconferentie verpakt volksbedrog voorgespiegeld.

Hoezo gelijkwaardig? Nederland schenkt jaarlijks dik 30 miljoen euro zonder er iets voor terug te krijgen. Dat lijkt niet heel erg gelijkwaardig. En was het niet zo dat de per 10-10-10 gesaneerde Antilliaanse miljardenschuld de Nederlandse belastingbetaler werd aangesmeerd met de belofte dat er nooit meer een rooie cent begrotingssteun naar de overzeese autonoom landje spelende bodemloze putten zou gaan? Waarvan de regeringen bovendien plechtig beloofden voortaan de eigen broek op te houden.

Maar vanaf nu erkennen ze eigenaarschap, moeten we geloven. Waren ze dan niet al sinds 1954 eigenaar van hun onderwijs, gezondheidszorg en belastingdienst, om een paar zwaar verwaarloosde ‘eigendommen’ te noemen. Ter illustratie: deze week werd bekend dat Curaçaos minister van Financiën Silvania 6 miljard gulden aan openstaande belastingaanslagen door de versnipperaar heeft gehaald, vast in het vertrouwen dat je altijd bij het moederland kan aankloppen als de kas leeg is.

En dan de derde pijler. Op het moment dat premier Jacobs als een aan de theaterschool cum laude geslaagde de gemeenschappelijkheid bejubelde, benoemden de Staten van Sint Maarten, haar eigen fractie incluis, een commissie die de voorbereidende stappen gaat zetten voor een referendum over het uitroepen van de onafhankelijkheid. En de staatssecretaris? Die kwam veren en pluimen tekort om de premiers te prijzen voor hun commitment.

Bijzonder was wel dat de gastvrouw haar ambtenaren gelijktijdig een brief naar de Tweede Kamer liet sturen waarin ze haar eigen geloofwaardigheid onderuit haalde. Want daarin bekende ze zich zorgen te maken over de uitvoering van de in de landspakketten vastgelegde afspraken. De landen – met hoe verrassend Curaçao voorop – schuiven besluiten voor zich uit en houden relevante informatie achter, schreef ze.

“Ik ben verbijsterd” nam CDA-Kamerlid Joba van den Berg een voorschot op het debat over Van Huffelens vrijgevigheid waarvan je weet dat het gaat komen.” Roelien Kamminga (VVD) is sceptisch: “Eerst zien, dan geloven”, zegt ze over het commitment van de premiers. In de Eerste Kamer reageerden Alexander van Hattem (PVV) en Toine Beukering (JA21) vol afgrijzen. Zelfs D66-senator/partijgenoot Boris Dittrich uitte zijn zorgen: “Is er een plan B als de uitvoering niet loopt zoals we hopen?”

Ook oud-parlementariërs die hun Caribische pappenheimers kennen, uitten hun bedenkingen. Ronald van Raak (SP) weet al waar de Nederlandse donatie terechtkomt: “In de verkeerde zakken.” Zoals het bijna altijd is gegaan in de achttien jaar dat hij woordvoerder Koninkrijksrelaties was. Voormalig Kamerlid André Bosman (VVD) hekelde de naïviteit van de staatssecretaris: “Blijft eenrichtingsverkeer. Vooral geld die kant op….. we leren het nooit.”

Op Curaçao gingen de nabeschouwingen vooral over hun minister-president. Niet omdat hij de volle zaal liet wachten (dat is immers cultureel bepaald), maar vanwege zijn ontboezeming dat hij “Nederlands kan praten” om vervolgens de hele persco lang geen woord Nederlands meer te praten. Na de commentaren op social media te hebben gezien, verklaarde Pisas dat te hebben gedaan omdat zijn via de livestream meekijkende landgenoten het Nederlands niet machtig zouden zijn. Een nogal doorzichtige smoes: zelfs de simpelste in Jip-en-Janneketaal gestelde vraag moest voor hem worden vertaald. Hetgeen oud-directeur van het Curaçaohuis Ann Philips wel de kans bood te schitteren in de bijrol van tolk.

De minister-president en zijn tolk (Foto Nico van der Ven)

De moeder aller fabels is dat de Onderlinge Regelingen het leven van de inwoners van de CAS-landen beter gaan maken. Waar hebben we dat eerder gehoord? Oja, bij de staatkundige hervorming van 10-10-10. Die was, zo werd de burgers op de mouw gespeld, bedoeld om het bestaan er voor hen beter op te maken. Dertien jaar na dato weten we dat de armoede (ook zonder de effecten van de coronacrisis) om zich heenslaat en het met onderwijs, zorg en veiligheid beroerder is gesteld dan voor 2010.

De landen kunnen – zoals Van Huffelens voorganger Knops hardop durfde te zeggen – hun autonomie niet aan. Elkaar opvolgende regeringen doen vuile zaakjes met de maffia, verdienen onder tafel bij of bezorgen family & friends een riant inkomen en als ze wel van goede wil zijn, lijden ze aan een chronisch gebrek aan daadkracht. Decennialang aanhoudend wanbeleid meent de staatssecretaris te moeten honoreren met een vette premie. Daarmee is ze het enige lid van het in vergaande staat van ontbinding verkerende kabinet Rutte dat tenminste nog ergens in het Koninkrijk waardering oogst. En dat mag kennelijk wat kosten.

Kadushi is het buitenbeentje van DossierKoninkrijksrelaties.nl: een stekelige rubriek die soms wel eens ‘au’ kan doen.

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.