“Dromen, denken, durven, doen en doorzetten”

Het gebeurt niet vaak dat de Eerste Kamer zo grondig de ontwikkelingen in het Koninkrijk bespreekt als dinsdag gebeurde in het zes uren durende beleidsdebat met staatssecretaris Raymond Knops (BZK). In 10 afleveringen publiceert Dossier Koninkrijksrelaties de inbreng van alle fracties die aan het debat deelnamen. In aflevering 3 is het woord aan Toine Beukering (Fractie-Nanninga).

“In zware tijden leert men zijn vrienden kennen”

Vandaag spreken wij over ons mooie Koninkrijk. De vier verschillende landen en de BES hebben historische en belangrijke culturele en economische banden. De Fractie-Nanninga vindt het Koninkrijk belangrijk en hecht aan goede verhoudingen en een goede balans tussen de landen en de regio. Zeker in de huidige lastige periode is dit van belang.

Het coronavirus raakt ons hard, maar de eilanden zéér en de economische gevolgen zijn enorm. De steun vanuit deze kant van de oceaan is zeker substantieel maar tegelijk ook terecht te noemen. In zware tijden leert men zijn vrienden kennen. De coronacrisis is zwaar voor ons allen, maar verbindt ons ook. Wat in de toekomst van groot belang wordt, is om gezamenlijk sterker uit deze crisis te komen, onder het motto ‘never waste a good crisis’.

De eilanden hebben inmiddels zelf al verscheidene plannen geschreven om te komen tot een meer gevarieerde economie, meer verdienvermogen en het benodigde herstel na de crisis. Maar daar is geld voor nodig, en niet een beetje. Zoals gezegd horen de eilanden bij het Koninkrijk.

We kunnen elkaar versterken. Daarbij is het van belang oog te hebben voor de regionale functie van de eilanden en onze bondgenootschappen. De eilanden spelen daarin een cruciale rol. Dat maakt de waarde ervan des te groter, voor het Koninkrijk in het bijzonder en voor onze bondgenoten in het algemeen. Dit staat het stellen van randvoorwaarden, zoals transparantie of hervormingen bij leningen of steun, uiteraard niet in de weg.

“Gezamenlijkheid en wederzijds respect en vertrouwen”

Bij dit soort situaties is mijn fractie voor het zogenaamde 5D-model: dromen, denken, durven, doen en doorzetten. Onze droom voor het Koninkrijk is er één van gezamenlijkheid en wederzijds respect en vertrouwen. Twee: het denken ofwel het maken van plannen is al een heel eind gevorderd. Dit bleek tijdens ons laatste IPKO, waarin onze collega’s van de andere landen hierover al enkele tipjes van de verschillende sluiers voor ons hebben opgelicht: van een nieuwe haven en verschillende bouwprojecten tot versterking van internetmogelijkheden en bevordering van land- en tuinbouw aan toe. Van belang zijn natuurlijk het realisme en de levensvatbaarheid van de initiatieven. Dit is allemaal heel bemoedigend.

Durven, de derde D, zal door de politici van de landen maar in dit geval ook door mensen van het bedrijfsleven moeten worden ingevuld, maar daarvoor zijn fondsen nodig. Mijn fractie ziet daarvoor mogelijkheden vanuit het Joint Venture Agreement-fonds met daarin 800 miljoen euro van Invest International, een fonds in oprichting. Dit maakt publiek-private financiering van realistische, levensvatbare en solide projecten en programma’s op de eilanden mogelijk. Laten we afspreken om ons met dit fonds op het Koninkrijk te concentreren. Van belang hierbij is ownership van alle betrokken partijen: geen in splendid isolation bedachte plannen, maar vanaf het begin solide publiek-private samenwerking, waarbij bedrijven ook zelf investeren en de lokale overheden faciliteren.

Voordat de fase van doen, de vierde D, wordt bereikt, zullen de regeringen van de landen allereerst moeten faciliteren en de vereiste — lees: benodigde — randvoorwaarden zelf moeten creëren vanuit het eigen landsbelang. Hierbij zal veel moed, doorzettingsvermogen en lef worden gevraagd. De laatste fase van het 5D-model, het doorzetten, wordt vaak als de lastigste gezien.

“Taboes gezamenlijk doorbreken”

Politieke veranderingen of personele wisselingen zijn daarbij vaak als oorzaak aan te wijzen. Het einddoel van al deze publiek-private initiatieven, projecten en werkzaamheden moet voor iedereen zo evident en duidelijk zijn dat iemand niet tussentijds het schip kan verlaten. Heldere concrete doelen, open communicatie naar alle partijen en vooral sterke lokale leiding ter plaatse helpen daar enorm bij.

Bij al dit soort vanuit Nederland en het bedrijfsleven gefinancierde projecten en programma’s is het van groot belang dat er duidelijke voordelen aan beide zijden van de oceaan zijn. De voordelen voor de eilanden zijn vrij eenvoudig te duiden. De initiatieven zullen uiteindelijk daar gaan plaatsvinden met als doel het verbeteren van de lokale situatie, en dat in breed perspectief.

Lokale leiding en commitment zijn natuurlijk basisvereisten. Taboes zullen we gezamenlijk moeten doorbreken. Voor het Europese gedeelte van het Koninkrijk zullen dat uiteindelijk lagere kosten, een beter investeringsklimaat en zelfs vestigingsklimaat en meer ontwikkelingsmogelijkheden op de eilanden kunnen zijn.

“Handen aan de ploeg”

Als straks de Koninkrijksregering hiervoor de opdracht geeft, zal dat de start van de projecten en de programma’s moeten betekenen en niet de start van allerlei discussies. Handen aan de ploeg. We zullen met z’n allen, gezamenlijk met het bedrijfsleven, de schouders eronder moeten zetten zodat we beter uit deze coronacrisis komen.

Volgende aflevering: Koninkrijk gebaat bij culturele sensitiviteit

Bericht delen
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Advertentie

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.