Kabinet schuift investeren in duurzame energie Caribisch Nederland door

Den Haag – Het kabinet  Rutte III laat het aan de nieuwe regering (vermoedelijk Rutte IV) over om te beslissen over het investeren in de verduurzaming van de elektriciteitsproductie in Caribisch Nederland.

Dat blijkt uit het antwoord van de staatssecretarissen van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Raymond Knops en Economische Zaken en Klimaat Mona Keijzer alsmede minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Wouter Koolmees op vragen van Tweede Kamerlid André Bosman (VVD) Diens vragen en de antwoorden daarop maken deel uit van een schriftelijk overleg van de Kamercommissie voor Koninkrijksrelaties over het ijkpunt voor het sociaal minimum op Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

“Er zijn mogelijkheden voor verduurzaming van de elektriciteitsproductie in Caribisch Nederland die bij kunnen dragen aan het verlagen van de kosten van elektriciteit. De beslissing om te investeren in verdere verduurzaming en/of een structurele verlaging van de kosten voor nutsvoorzieningen in Caribisch Nederland, is aan het nieuwe kabinet”, aldus de bewindslieden.

Hieronder de vragen van de VVD en de antwoorden daarop:

De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het onderzoek naar de loonruimte minimumloon en de voortgangsrapportage ijkpunt bestaanszekerheid Caribisch Nederland 2020. Zij hebben hierbij nog enkele vragen en opmerkingen.

Vraag 1

De leden van de VVD-fractie constateren dat de Nederlandse investeringen op de BES-eilanden duidelijk hebben geleid tot zichtbaar positieve resultaten in de gezondheidszorg, het onderwijs en de bestaanszekerheid, zeker gelet op de kleine schaal en de eilandelijke situatie. Zo is voor veel kinderen en mensen met een zeer laag inkomen het verschil gemaakt. Het is goed dat het kabinet een volgende stap zet met het ijkpunt sociaal minimum.

De leden van de VVD-fractie benadrukken het belang om kritisch te blijven kijken naar de kosten en verantwoordelijkheden van de eilanden. Tegelijkertijd moet Nederland bereid zijn om bepaalde investeringen te doen. Zo zijn investeringen in infrastructuur, ICT, inter-eilandelijk openbaar vervoer en bestuur kosten die een klein eiland vaak niet zelf kan dragen. Dergelijke investeringen zijn van belang, omdat daarmee kosten van het levensonderhoud worden verlaagd en de zelfredzaamheid van de eilanden wordt vergroot.

Echter, lezen de leden van de VVD-fractie in de beantwoording van vragen over het IJkpunt Bestaanszekerheid dat “het kabinet [niet] heeft gekozen voor financiële ondersteuning van investeringen in duurzame elektriciteitsproductie” omdat de brandstofkosten sterk gedaald zijn. Maar zou een investering in een duurzame elektriciteitsproductie op de lange termijn niet kunnen zorgen voor structureel lagere kosten van het levensonderhoud en een grotere zelfredzaamheid? En zo nee, waarom niet? Ziet het kabinet verder nog kansen om in samenspraak met de bestuurders op de BES te investeren in een structurele verlaging van de kosten voor nutvoorzieningen in Caribisch Nederland?

Antwoord 1

Er zijn mogelijkheden voor verduurzaming van de elektriciteitsproductie in Caribisch Nederland die bij kunnen dragen aan het verlagen van de kosten van elektriciteit. De beslissing om te investeren in verdere verduurzaming en/of een structurele verlaging van de kosten voor nutsvoorzieningen in Caribisch Nederland, is aan het nieuwe kabinet. Om het doel van betaalbaarheid te dienen, verstrekt het kabinet al een structurele subsidie waardoor de vaste kosten voor elektriciteit in Caribisch Nederland op Europees Nederlands niveau komen. Vanwege de coronacrisis worden de vaste kosten voor elektriciteit voor 2021 met subsidie tijdelijk teruggebracht naar nul. In het voorjaar van 2021 wordt bezien of de situatie op dat moment vraagt om verdere verlenging voor 2022.

Vraag 2

Als het gaat om inter-eilandelijk openbaar vervoer willen de leden van de VVD-fractie graag een update over de huidige stand van zaken van de ferryverbinding tussen de bovenwindse eilanden. Volgens de beantwoording van vragen in oktober jl. hadden Saba en Sint-Eustatius concrete plannen aangedragen voor de verbetering van de ferryverbinding. Heeft dat inmiddels ook geleid tot concrete stappen door Saba en Sint-Eustatius, opdat wanneer de covid-19 situatie het toelaat de verbetering van de ferryverbinding daadwerkelijk kan worden uitgevoerd?

Antwoord 2

De minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft eind vorig jaar op basis van de concrete plannen van Saba en Sint-Eustatius een financiële bijdrage ter beschikking gesteld aan de eilanden om de pilot van de ferryverbinding te kunnen opstarten. Nu Saba en Sint Eustatius over de financiële middelen beschikken, wordt door hen de komende weken onder andere het vaarschema en de aanbestedingsdocumenten gefinaliseerd. Aangezien de COVID-19-situatie nog steeds onzeker is, is een concrete startdatum van de ferryverbinding nog niet bepaald. Het is niet opportuun om al van start te gaan met de ferryverbinding als de reisbewegingen vanwege de COVID-19-situatie worden beperkt. Met het oog op de komst van vaccinaties is het streven om medio 2021 van start te gaan met de ferryverbinding, mits dit te zijner tijd in lijn is met de openingsstrategieën van de eilanden in het kader van de COVID-19-situatie.

Vraag 3

De leden van de VVD-fractie lezen dat de staatssecretaris in de Kamerbrief uit november jl. schrijft dat hij in gesprek gaat met de bestuurscolleges van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en met de Centraal Dialogen van Bonaire en Sint Eustatius om een vervolg te kunnen geven aan de uitkomsten van het onderzoek. Heeft de staatssecretaris dat reeds gedaan en wat zijn de uitkomsten van die gesprekken?

Antwoord 3

De gesprekken tussen de toenmalige staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en de bestuurscolleges en de Centraal Dialogen hebben eind november 2020 via een onlineverbinding plaatsgehad. De gesprekken hebben geresulteerd in een aantal (praktische) vervolgafspraken. Met de Central Dialogue Statia is afgesproken dat er nog een technische briefing zal plaatsvinden over het rapport. De Centraal Dialoog Bonaire heeft, daartoe uitgenodigd in het overleg, aangegeven nog met nadere voorstellen inzake het structureel gewenste niveau van het wettelijk minimumloon te willen komen. De beslissing over het verder verhogen van het minimumloon is aan een volgend kabinet.

Bericht delen
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Advertentie

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.