Financiering rechtshandhaving in Caribisch deel Koninkrijk blijft pijnpunt

Den Haag – De financiering van de rechtshandhaving in het Caribisch deel van het Koninkrijk blijft een terugkerend discussiepunt. Dat blijkt uit de brief die minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus  vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd waarin hij verslag doet van het Justitieel Vierpartijen Overleg (JVO) van 14 januari.

“Het JVO is ook het platform waar jaarplannen, jaarverslagen, begrotingen en de financiële verantwoording van de gezamenlijke diensten worden besproken en goedgekeurd. Zo lagen er stukken voor van het RST (Recherche Samenwerkingsteam), de Raad voor de Rechtshandhaving, het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en het Parket Procureur-Generaal van Curaçao, Sint Maarten en Bonaire, Sint Eustatius en Saba”, schrijft de bewindsman.

“Tijdens dit JVO kon een aantal van de andere landen wederom maar deels goedkeuring geven aan de begrotingen van 2020 en 2021 van de gemeenschappelijke instellingen. Nederland heeft tijdens het overleg het belang van (tijdige) goedkeuring van deze begrotingen herhaaldelijk en met klem benadrukt en zal hierover in nader overleg met de betreffende landen treden”, vervolgt Grapperhaus.

Het aandeel van Nederland is de kosten wordt met het jaar groter. Op 4 februari sloten de ministers van Justitie van de vier landen een protocol over versterking van de grensveiligheid. Nederland stelt daarvoor jaarlijks 30,5 miljoen euro beschikbaar. In het kader van de zogeheten landspakketten investeert Den Haag in de rechtsstaat in Curaçao, Aruba en Sint Maarten een bedrag dat oploopt tot 45 miljoen euro vanaf 2025. Daarbovenop heeft Nederland eenmalig een bedrag van 30 miljoen euro toegezegd ten behoeve van de bouw van een nieuwe gevangenis en de structurele verbetering van het gevangeniswezen in Sint Maarten.

Lees hieronder de gehele brief van Grapperhaus:

Op 14 januari 2021 vond het Justitieel Vierpartijen Overleg (JVO) plaats, het halfjaarlijks overleg tussen de vier ministers van Justitie van de landen in het Koninkrijk. De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties nam ook deel aan het overleg. Hierbij informeer ik uw Kamer mede namens de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de gezamenlijke inzet op de rechtshandhaving en over de hoofdlijnen van het JVO. Deze brief is gedeeld met onze collega-ministers van Aruba, Curaçao en Sint Maarten.

Hoofdlijnen JVO januari 2021

Vanwege de COVID-19 situatie vond het JVO ditmaal via videoconferentie plaats. Onder meer de volgende onderwerpen zijn besproken:

Informatie-uitwisseling en gegevensbescherming

Het Koninkrijk kent momenteel verschillende beschermingsregimes voor persoonsgegevens. Ook het niveau van de onderscheidenlijke beschermingsregimes verschilt. Dit levert in de praktijk belemmeringen op bij het delen van gegevens tussen de landen in het Koninkrijk, met name in de (operationele) samenwerking tussen opsporingsdiensten.

Tijdens het JVO hebben de vier ministers daarom opdracht gegeven voor het opstellen van een rijkswet die tot doel heeft om te komen tot een geharmoniseerd niveau van bescherming van persoonsgegevens, en politiële-, justitiële- en strafvorderlijke gegevens binnen het Caribisch deel van het Koninkrijk. De instemming met deze opdracht is tevens onderdeel van de landspakketten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Met deze rijkswet zal niet alleen een uitkomst geboden worden voor functionele gegevensdeling ten behoeve van de politiesamenwerking en de opsporing, maar ontstaat ook een brede grondslag voor gegevensdeling in de publieke en private sector alsook voor gegevensdeling met derde landen.

Aangezien met het wetgevingstraject van de betreffende rijkswet enige jaren gemoeid zal zijn, is tijdens het JVO ook afgesproken dat er een interim oplossing zal worden gezocht om een bredere grondslag voor deling van politiegegevens alvast mogelijk te maken.

Ook werd tijdens het JVO het belang van informatiecoördinatie benadrukt, waarbij de focus moet worden gelegd op de doorontwikkeling van zowel lokale als interinsulaire informatie-uitwisseling en op de professionalisering van informatie gestuurd werken. Nederland heeft tijdens het JVO aangegeven dat JenV samen met de Nationale Politie gaat verkennen hoe nog meer kan worden bijgedragen aan het interinsulaire aspect van informatiecoördinatie.

Bevordering beroepsgroepen

Ook de kwaliteit van de openbare ministeries en de rechterlijke macht stonden tijdens het JVO op de agenda. Zo sprak het JVO steun uit voor het traject professionalisering OM Cariben, waaronder het project om jaarlijks lokale officieren van justitie (afkomstig van de eilanden) op te leiden. Daarnaast zijn afspraken gemaakt over de opleidingen rechtsgeleerdheid op Aruba en Curaçao, zodat afgestudeerden van de universiteiten van Aruba en Curaçao gelijke toegang hebben tot de selectie en opleidingen voor de beroepen van advocaat, rechter en officier van justitie in Nederland. Deze afspraken bevorderen de uitwisseling van deze professionals binnen het Koninkrijk en dragen bij aan de kwaliteit en diversiteit van de togaberoepen. Tevens wordt hiermee opvolging gegeven aan de aanbeveling uit de beleidsdoorlichting van artikel 1 van hoofdstuk IV Koninkrijksrelaties om meer te focussen op het lokale eigenaarschap van de Caribische landen.  

Wetgeving

Op initiatief van Aruba is tijdens het JVO gesproken over het proces om te komen tot nieuwe Wetboeken van Strafvordering. Er wordt in de Caribische landen en voor Caribisch Nederland gewerkt aan gelijkluidende en moderne Wetboeken van Strafvordering, waarbij onder andere de rechten van slachtoffers en digitale opsporingsbevoegdheden zullen worden uitgebreid. De ministers spraken tijdens het JVO opnieuw steun uit voor het belang van gelijkvormig strafprocesrecht, en besloten om te streven naar concordante invoeringswetgeving en naar een gezamenlijk moment van inwerkingtreding van de wetboeken. Dit alles met het oog op gelijke spelregels in het strafproces voor de openbare ministeries, rechterlijke macht en burgers in het Caribische deel van het Koninkrijk.

Sanctietoepassing

Op het gebied van sanctietoepassing zijn tijdens het JVO verschillende onderdelen belicht. De Taskforce Detentie, een interlandelijke werkgroep, heeft toegelicht hoe zij samenwerkingsverbanden wil opzetten en kennis en expertise zal uitwisselen met betrekking tot opleidingen, bejegeningscultuur, (specialistische) regimes en re-integratie.

Ook heeft het JVO kennisgenomen van de onlangs gestarte samenwerking op het gebied van herstelrecht (restorative justice), een onderwerp dat in het hele Koninkrijk nog volop in ontwikkeling is. Met deze samenwerking worden contacten, kennis en expertise uitgewisseld om toe te werken naar mediation en herstelbemiddeling voor slachtoffers en verdachten. Voor Caribisch Nederland biedt deze samenwerking de mogelijkheid om het herstelrecht te borgen in werkprocessen in de justitieketen en zorgt het dat professionals in de regio elkaar weten te vinden.

Goedkeuring begrotingen en jaarstukken

Het JVO is ook het platform waar jaarplannen, jaarverslagen, begrotingen en de financiële verantwoording van de gezamenlijke diensten worden besproken en goedgekeurd. Zo lagen er stukken voor van het RST (Recherche Samenwerkingsteam), de Raad voor de Rechtshandhaving, het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en het Parket Procureur-Generaal van Curaçao, Sint Maarten en Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Tijdens dit JVO kon een aantal van de andere landen wederom maar deels goedkeuring geven aan de begrotingen van 2020 en 2021 van de gemeenschappelijke instellingen. Nederland heeft tijdens het overleg het belang van (tijdige) goedkeuring van deze begrotingen herhaaldelijk en met klem benadrukt en zal hierover in nader overleg met de betreffende landen treden.

Versterken rechtsstaat

Tijdens het JVO is ook gesproken over de maatregelen ter versterking van de rechtsstaat die onderdeel zijn van de landspakketten die met Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn overeengekomen. Met de uitvoering van deze maatregelen zijn de landen voortvarend van start gegaan. Afgesproken is dat de vervolgacties uit deze maatregelen tijdens aankomende JVO’s ter bespreking kunnen worden geagendeerd, voor zover het gaat om Koninkrijksbrede afspraken en de voortgang van de Koninkrijksbrede werkgroepen. De voortgang van de landspakketten, inclusief de rechtsstaatmaatregelen, blijft een integraal onderdeel van besluitvorming over liquiditeitssteun en is daarmee een aangelegenheid van de Rijksministerraad.

Zoals eerder aan uw Kamer is gemeld, draagt Nederland met de landspakketten onder andere structureel bij aan de uitbreiding van de duurzame ondermijningsaanpak, aan het versterken van de Arubaanse en Curaçaose milities en aan het Sociaal Vormings Traject voor jongeren. De totale jaarlijkse investering van Nederland in de rechtsstaat vanuit de landspakketten betreft een bedrag dat oploopt tot 45 miljoen euro vanaf 2025. Aanvullend stelde het kabinet eenmalig een bedrag van 30 miljoen euro beschikbaar ten behoeve van de bouw van een nieuwe gevangenis en de structurele verbetering van het gevangeniswezen in Sint Maarten.

Daarnaast is een groot deel van de investeringen uit de landspakketten gericht op de versterking van het grenstoezicht. Dit onderwerp heeft mede de aandacht gekregen door het initiatief baseline grensveiligheid dat de afgelopen jaren verschillende verbetervoorstellen voor de versterking van de grensveiligheid aan het JVO heeft voorgelegd. Ter uitvoering van de maatregelen in de landspakketten zijn de landen in het Koninkrijk op 4 februari jl. een nieuw protocol ter versterking van het grenstoezicht overeengekomen; het nieuwe protocol is ter kennisname voor uw Kamer aan deze brief toegevoegd. Nederland is hierbij bereid om structureel personele inzet van de Koninklijke Marechaussee, Douane Nederland en de Kustwacht en de daarbij behorende financiële middelen beschikbaar te stellen. Deze structurele financiële middelen lopen op tot 30,5 mln. euro. Daarnaast zullen ook nog incidentele financiële middelen beschikbaar worden gesteld ten behoeve van de lokale diensten in de Caribische landen van het Koninkrijk. 

Tot slot

Een goede en constructieve samenwerking tussen de landen in het Koninkrijk is in deze tijden van ongekend belang. De zeer brede samenwerking die binnen JVO-verband plaatsvindt en de nieuwe mogelijkheden die de uitvoering van de landspakketten meebrengt, verankeren deze samenwerking op justitieterrein. Daarnaast is samenwerking tussen de justitieketens van de Caribische delen van het Koninkrijk voor Caribisch Nederland extra relevant vanwege de verbondenheid met de landen en de kleinschaligheid van de BES-eilanden. Voor Nederland is duidelijk dat alle vier de landen elkaar nodig hebben om de eigen justitietaak goed tot uitvoering te brengen.

Bericht delen
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Advertentie

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.