Knops doet Kamer verslag van werkbezoek aan Bonaire, Aruba en Sint Maarten

Den Haag – Staatssecretaris Raymond Knops van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft vandaag een verslag naar de Tweede Kamer gestuurd van zijn werkbezoek van 3 tot 7 januari aan achtereenvolgens Bonaire, Aruba en Sint Maarten.

Aanleiding voor zijn reis waren de akkoorden die met de regeringen in Oranjestad en Sint Maarten bereikt zijn over meerjarige financiële coronasteun in de vorm van leningen en investeringen plus hervormingen, de zogeheten landspakketten. Op Bonaire werd de voortgang van het Bestuursakkoord en de actuele bestuurlijke situatie besproken. Hieronder het integrale verslag:

Werkbezoek Bonaire 3 en 4 januari

Op 3 en 4 januari bezocht ik Bonaire. Hier heb ik gesproken met de gezaghebber, het bestuurscollege en de afzonderlijke fracties van de eilandsraad.

Tijdens het gesprek met het bestuurscollege, waarbij de nieuwe gedeputeerde de heer Thielman aanwezig was, is gesproken over de te bereiken resultaten in het jaar 2021. Ik heb het belang van daadkracht vanuit het bestuurscollege en de voortgang op het bestuursakkoord benadrukt. In het bijzonder de voortgang op het financieel beheer, de professionalisering van de ambtelijke organisatie en het grondbeleid baren zorgen. Het bestuurscollege heeft mij gemeld tempo te willen maken en positief effect te verwachten van de per 1 maart aanstaande aan te treden nieuwe eilandsecretaris en een verandermanager die zich specifiek richt op het verbeteren van de ambtelijke organisatie.

Ook de relatie met de eilandsraad, onder meer op de inhoudelijke voortgang van het bestuursakkoord, heeft de aandacht van het bestuurscollege. Mede naar aanleiding van mediaberichten over mogelijke ontwikkeling van het gebied genoemd Bolivia heb ik met het bestuurscollege stilgestaan bij de vraag hoe zij tegen de toekomstige (ruimtelijke) ontwikkeling van Bonaire aankijkt. Daarbij heb ik ondersteuning aangeboden om te komen tot gedragen scenario’s voor de mogelijke toekomstige (ruimtelijke) ontwikkeling van Bonaire. Tevens heeft het bestuurscollege mij geïnformeerd over de recente ontwikkelingen ten aanzien van COVID-19 en hebben we stil gestaan bij het onderwerp vaccinatie.

Tijdens gesprekken met de afzonderlijke fracties van de eilandsraad heb ik gevraagd naar de ambitie van de fracties voor het jaar 2021. Vanuit verschillende fracties werd daarbij aandacht gevraagd voor de forse werkdruk bij de eilandsraadsleden en de vraag naar adequate ondersteuning voor de nieuwe eilandsraadgriffier. Vanuit mijn ministerie wordt, in samenwerking met de VNG, de inzet van de wethoudersvereniging en deskundigen gefaciliteerd, zodat op korte termijn kan worden voorzien in opleidingen en coaching voor eilandsraadsleden en -fracties. Ook in de ondersteuning van de nieuwe eilandsraadgriffier wordt voorzien.

Tijdens mijn bezoek aan Bonaire kreeg ik voorts in aanwezigheid van de programmamanager bestuursakkoord een presentatie van de projectleider Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) over de ontwikkelingen op het terrein van deze dienst. Daarbij werd onder meer ingegaan op de stand van zaken van het programma landbouwontwikkeling, waaronder de renovatie van het slachthuis, en de organisatieontwikkeling van de dienst LVV.

Door het opstarten van het programma landbouwontwikkeling zijn er initiatieven ontstaan die bijdragen aan het meer zelf verbouwen van groenten en fruit. Zo heeft LVV in november 2020 twaalf kavels beschikbaar gesteld, waarop groenten en gewassen verbouwd kunnen worden. De eerste kavel is inmiddels uitgegeven. Daarnaast wordt de organisatieontwikkeling van de dienst LVV versterkt zodat het openbaar lichaam zelf beter in staat is om de landbouwontwikkeling verder te brengen. Het ministerie van Landbouw Natuur en Visserij heeft middelen beschikbaar gesteld voor een programma praktijkkennis voedsel en groen. Het idee hierachter is om kennis die in Europees Nederland beschikbaar is bij hogescholen over te brengen en op die manier de landbouwontwikkeling verder te steunen.      

Verder heb ik gesproken met deelnemers van het Talent Ontwikkel Programma Bonaire (TOP Bonaire). In dit door mijn ministerie gefaciliteerde programma wordt gedurende twee jaar gewerkt aan persoonlijke en professionele ontwikkeling. Als gevolg van de coronacrisis zijn veel van de trainingen uitgesteld of in aangepaste vorm gegeven. Het afgelopen jaar hebben de deelnemers aan dit programma veel flexibiliteit en veerkracht getoond. In februari 2021 starten er acht nieuwe trainees en negen ambtenaren vanuit verschillende instanties met hun traject bij TOP. Door het aantrekken en behouden van lokaal talent werkt TOP Bonaire aan de versteviging van de ambtelijke organisaties op Bonaire.

Werkbezoek Aruba 5 en 6 januari

Het bezoek aan Aruba stond in het teken van de voortgang van de uitvoering van de voorwaarden voor de liquiditeitssteun en landspakketten. Met Gouverneur Boekhoudt heb ik onder meer gesproken over de actuele situatie op Aruba en hoe Nederland de te bewandelen route voor de implementatie van de landspakketten voor zich ziet.

Met de minister-president, mevrouw Wever-Croes, sprak ik over het opstellen van de uitvoeringsagenda behorend bij het landspakket. Daarbij is het belang besproken dat Nederland en Aruba gezamenlijk haalbare maar zeker ook ambitieuze doelen opstellen. De noodzaak om de maatregelen door te voeren is immers onverminderd groot. Daarbij dient sprake te zijn van een brede betrokkenheid van de Arubaanse overheid evenals van lokale stakeholders bij projecten die in de uitvoeringsagenda worden opgenomen. Met de minister-president sprak ik verder over de stand van zaken ten aanzien van de voorwaarden die horen bij de reeds verleende tranches liquiditeitssteun en de voorwaarden bij de vierde tranche. Tijdens het gesprek met de minister van Justitie, de heer Bikker, sprak ik over maatregelen uit het landspakket die zien op het thema versterking van de rechtsstaat. In dat verband spraken wij ook over de beëdiging van medewerkers van het Recherchesamenwerkingsteam (RST). De Landsbesluiten hierover zijn inmiddels getekend en de medewerkers beëdigd.

Over de maatregelen die zien op het thema rechtstaat sprak ik later die dag met de Procureur Generaal van Aruba, de heer Ter Stege. Wij spraken over de problematiek in de regio en de criminaliteitsbestrijding. Met de voltallige Ministerraad sprak ik over de noodzaak hervormingen door te voeren. Daarbij heb ik mijn waardering uitgesproken voor de wijze waarop Aruba tot nu toe werkt aan de uitwerking van het landspakket. De ministers spraken op hun beurt hun waardering en dank uit voor de steun van Nederland.

Tevens bracht ik een bezoek aan het Horacio E. Oduber Hospital (HOH). Met de directeur van het HOH, de heer Vroegop, en zijn team sprak ik onder andere over de ontwikkeling en behandeling van COVID-19 op Aruba en de impact op het HOH, de financiële taakstelling en de intensivering van de samenwerking tussen de ziekenhuizen op Aruba, Curaçao, Bonaire en Sint Maarten. Tijdens een rondleiding heb ik gesproken met medewerkers van het ziekenhuis over de actuele situatie van de zorg voor COVID-19 patiënten.

Nederland heeft ook financiële steun gegeven aan de Fundacion Contra Violenca Relacional, een stichting die slachtoffers van huiselijk geweld opvangt. Met deze financiële steun hebben zij zestien nieuwe eenheden kunnen bouwen. Ik bezocht deze stichting en sprak onder meer met de voorzitter van de Raad van toezicht over de toekomstplannen en de gevolgen van de COVID-19 en Venezuela-crisis voor hun werkzaamheden.

In het kader van de COVID-19 crisis bezocht ik twee organisaties die voorzien in voedselhulp op Aruba. Het aantal gezinnen dat is aangewezen op voedselhulp is door de pandemie enorm toegenomen. Fundacion Pa Nos Comunicad (FPNC) is één van de organisaties die een grote rol speelt in het verstrekken van voedselhulp en daarvoor ook financiële ondersteuning van Nederland ontvangt. In korte tijd is door de FPNC opgeschaald van circa 200 gezinnen per maand naar circa 4500 huishoudens. Tijdens mijn gesprek met het bestuur en vrijwilligers van de FPNC heb ik mijn oprechte waardering uitgesproken over de enorme inzet bij het verstrekken van voedselhulp. Voorts heb ik FPNC bedankt voor hun prominente rol in het Nederlandse voedselhulp programma.

Eveneens in het kader van het Nederlandse voedselhulp programma, bracht ik een bezoek aan de Arubaanse afdeling van het Rode Kruis. Ik heb ook het Rode Kruis Aruba nadrukkelijk bedankt voor hun rol bij het verstrekken van voedselhulp. Tevens heb ik met een vrijwilliger de dagelijkse warme maaltijd verstrekt aan de doelgroep die niet in staat is zelf een warme maaltijd te bereiden. Het gaat om schrijnende omstandigheden. Voorts sprak de delegatie met het Rode Kruis over de transitie van voedselhulp naar de overheid van Aruba.

Tot slot sprak ik met de CEO van de Aruba Hospitality and Tourism Association (AHATA), mevrouw LaSorte, vertegenwoordiger van de belangrijkste economische pijler van Aruba. Met haar heb ik gesproken over de gevolgen van COVID-19 voor het lokale toerisme en in welke mate de maatregelen uit het Landspakket kunnen bijdragen aan het economisch herstel en verbetering van het ondernemersklimaat op Aruba.

Werkbezoek Sint Maarten op 7 januari

Het bezoek op Sint Maarten stond in het teken van het op 22 december 2020 ondertekende akkoord op de derde tranche liquiditeitssteun inclusief de daarbij behorende voorwaarden. Daarnaast is er ook veel gesproken over de wederopbouw.

Ik begon mijn bezoek met een gesprek met gouverneur Holiday. Met hem heb ik teruggeblikt op de gebeurtenissen voorafgaand aan de ondertekening van het akkoord eind december en hebben we de actuele situatie op Sint Maarten en de uitvoering van het landspakket besproken. Vervolgens sprak ik met minister-president Jacobs en de minister van Financiën met als belangrijkste agendapunt het landspakket en de samenwerking die onze landen in dat kader met elkaar zijn aangegaan.

Er is veel werk te verzetten om de noodzakelijke hervormingen te realiseren. Om in aanmerking te komen voor volgende tranches liquiditeitssteun moet Sint Maarten op korte termijn al de eerste stappen zetten in de uitvoering van het landspakket. De minister-president heeft mij in ons gesprek toegelicht dat het SG-platform, waaraan de SG’s van alle ministeries deelnemen, deze opgave zal gaan oppakken. Daarnaast is een Monitoring Committee ingesteld die verantwoordelijk is voor het monitoren van de voortgang en zal dienen als aanspreekpunt voor de Nederlandse Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) en daarna het Caribisch Orgaan voor Hervorming en Ontwikkeling COHO.

De minister-president vroeg mijn bijzondere aandacht en consideratie voor de capaciteitsproblemen op Sint Maarten. Ik heb aangegeven dat we met elkaar tot een realistische, maar ambitieuze planning moeten komen. Deze planning zal uiterlijk 1 april 2021 worden vastgelegd in de Uitvoeringsagenda. Belangrijk is dat afspraken die wij met elkaar maken worden nagekomen en dat overeengekomen deadlines worden gehaald. Dit geldt uiteraard niet alleen voor Sint Maarten, maar ook voor Nederland.

Met de minister van Justitie, mevrouw Richardson, sprak ik over de situatie rond de gevangenis. Minister Richardson heeft toegelicht welke voortgang de afgelopen periode is geboekt rond de verbetering van de detentieomstandigheden en heeft mij verzekerd dat de overeengekomen verbetermaatregelen afgerond zullen zijn voor de deadline van 15 juni 2021 uit het landspakket. Tevens spraken we over de plannen voor de bouw van een nieuwe gevangenis, waarvoor vanuit Nederland eenmalig € 30 mln. beschikbaar wordt gesteld.

Kort voor mijn bezoek was er sinds lange tijd weer een uitslaande brand op de afvalberg, met mogelijk grote negatieve gevolgen voor de volksgezondheid. Ik sprak hierover dan ook uitgebreid met de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening, Milieu en Infrastructuur (VROMI), de heer Doran, en met het Nationaal Programmabureau Wederopbouw (NRPB). Het belangrijkste onderwerp van gesprek was het belang van een oplossing voor het herhuisvestingsvraagstuk.

Sint Maarten kan pas starten met de werkzaamheden aan de afvalberg wanneer alle personen en bedrijven die in de nabijheid gevestigd zijn, verplaatst zijn. Een ander aandachtspunt blijft het capaciteitsgebrek bij het ministerie. Ik heb minister Doran nogmaals gewezen op het aanbod van Nederland om technische assistentie te leveren. Hierover zal op korte termijn op ambtelijk niveau worden doorgesproken.

Eveneens in het kader van de wederopbouw bracht ik een bezoek aan de eerste twee bedrijven die gebruik maken van financiering via het Enterprise Support Project (ESP). Dit project beoogt het stimuleren van MKB-activiteiten door het verstrekken van leningen en grants aan ondernemers.

Het was goed om te zien wat het trustfonds via dit project kan betekenen voor deze ondernemers, zeker in tijden van crisis. Een ander project uit het trustfonds wederopbouw dat financiële steun verleent aan projecten op het eiland is Resources for Community Resilience (R4CR). Ik sprak met projectmanager mevrouw Verschueren-Sommers over de eerste grants die zijn verstrekt aan verschillende non-gouvernementele organisaties (NGO’s).

Al deze grants zijn naar ‘quick win’ projecten gegaan, waarmee snelle concrete verbeteringen gerealiseerd kunnen worden op het eiland. Tijdens bezoeken aan het Sint Maarten Medical Center (SMMC) en het Rode Kruis was ik onder de indruk van het harde werk dat is verzet door velen om het hoofd te bieden aan de enorme gevolgen van de pandemie. Via het trustfonds is in maart 2020 een extra bedrag van $ 3,6 mln. toegekend aan het ziekenhuis, in verband met de toegenomen vraag naar zorg als gevolg van COVID-19. Op 21 september 2020 is door SMMC het COVID-19 paviljoen opgeleverd, waar nu alle coronapatiënten behandeld worden. Tijdens mijn bezoek waren er geen patiënten in het paviljoen opgenomen, wat uiteraard een positief teken is.

Minder positief is het aantal inwoners van Sint Maarten dat is aangewezen op voedselhulp. Het Rode Kruis vertelde mij dat zij met de door Nederland ter beschikking gestelde middelen circa 14.000 mensen kunnen voorzien van voedselpakketten en voedselvouchers. Daarbij spelen ook verschillende lokale NGO’s een rol, zoals de K1 Brittania foundation, het Sint Maarten Development Fund (SMDF) en de Freegan Food Foundation. Van al deze organisaties heb ik vertegenwoordigers mogen ontmoeten, die ik heb bedankt voor het cruciale werk dat zij doen in de ondersteuning van de zwakkeren in de samenleving.

Bericht delen
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Advertentie

error: Deze inhoud mag niet gekopieerd worden.